Vóór 1 april moest de kogel door de kerk, aldus Kris Peeters een aantal weken geleden. De Vlaamse regering zou landen in verband met de Oosterweelverbinding, waardoor de discussie eindelijk – eindelijk! – afgesloten zou kunnen worden. Wie echter dacht dat Kris Peeters in tegenstelling tot die andere CD&V-regeringsleider wél zijn woord zou houden, kwam ferm bedrogen uit.Vlaams minister-president Kris Peeters liet gisterenochtend verstaan dat er in dit dossier alleen maar winnaars waren. Sta me toe daar een andere mening op na te houden. Duidelijke winnaar is in de eerste plaats het studiebureau dat nog maar eens een studie zal mogen leveren over een tunnel onder de Schelde – naar het schijnt de derde al – om na te gaan of zo'n tunnel technisch haalbaar is, en bovendien zowel sneller als goedkoper dan een brug zou kunnen. Het lijkt me nogal wiedes dat de Vlaamse regering in dat geval voor een tunnel zou kiezen, maar de vraag zou zich dan wel stellen waar die twee voorgaande studies dan wel voor gediend hebben, en door welke prutsers ze feitelijk uitgevoerd werden. In afwachting van de resultaten van die derde studie kan de Vlaamse belastingbetaler zich dan afvragen welke spectaculaire technologische doorbraken er zich de afgelopen maanden zouden voorgedaan hebben op het gebied van de tunnelbouw, dat de Vlaamse regering verwacht dat er binnen drie maanden wel eens een radicaal andere aanbeveling uit de bus zou kunnen komen dan, inderdaad, dat een viaduct de beste oplossing zou zijn.
Hiermee hebben we al meteen één van de duidelijke verliezers van de «beslissing» van gisterennacht – kwatongen beweren dat het een beslissing was om nog niet te beslissen – vermeld: de Vlaamse belastingbetaler. Maar de Vlaamse belastingbetaler is de enige verliezer niet. Ook N-VA en sp.a behoren tot het kamp der verliezers: de ene omdat de viaduct er voorlopig nog niet komt, de andere omdat de viaduct nog steeds niet definitief afgevoerd is. Geen van de twee vechtende partijen kan nog geloofwaardig overkomen na deze niet-beslissing. En zoals zo vaak: wanneer twee honden vechten om een been, loopt een derde er mee heen. Vermoedelijk vindt Kris Peeters van zichzelf dat hij die derde hond is, maar de vraag is toch maar hoe geloofwaardig híj uit deze veldslag gekomen is.
Want inderdaad, als Kris Peeters vandaag ondanks zijn CD&V-partijkaart door het Vlaamse publiek nog niet op één hoopje met de rest van het tsjevendom werd gevaagd, dan is dat in grote mate te danken aan de relatief positieve perceptie die er rond de Vlaamse regering heerst. En die perceptie wou tot nu toe dat die regeringsploeg af en toe toch nog eens een beslissing zou nemen, in tegenstelling tot de federale regering waar werkelijk niets, maar dan ook niets nog beweegt. (Tenzij de Franstaligen beweging eisen natuurlijk, want dan kan plots alles, zoals het asieldossier elke dag duidelijk bewijst.) Nu blijkt dat ook bij de Vlaamse regering stilaan zowat alles dreigt vast te lopen.
Ook de vaudeville rond de drie Franstalige burgemeesters uit de Vlaamse Rand rond Brussel toont aan dat het in de Vlaamse regering niet helemaal snor zit. Twee weken geleden werd de beslissing rond de niet-benoeming nog doorgepraat met minister-president Kris Peeters, maar wanneer minister van Binnenlands Bestuur en de Vlaamse Rand Geert Bourgeois de beslissing bekend maakte in het Vlaams Parlement, reageert de CD&V kregelig. Wat had hij moeten doen – ook een studie bestellen? Viceminister-president voor de sp.a Ingrid Lieten bestond het bovendien de beslissing vrijwel onmiddellijk al volledig te ondergraven door de faciliteitengemeenten op een zilveren schoteltje aan de Franstaligen aan te bieden. Ja, waarom niet meteen heel Vlaams-Brabant aanbieden? Dan is de sp.a immers in één moeite door ook van Frank Vandenbroucke af! Let op, het gaat hier wel degelijk over zo ongeveer de enige beslissing die naam waard die de afgelopen maanden door de Vlaams regering genomen werd.
Bovendien vergist N-VA-voorzitter Bart de Wever zich zwaar als hij denkt dat er nu een definitieve beslissing rond de Oosterweelverbinding zou genomen zijn. Zoals andere commentatoren reeds opmerkten: drie maanden geeft de tegenstanders van het viaduct ruim de tijd om opnieuw te mobiliseren tegen de Lange Wapper. Zijn uitleg «dat het op die drie maanden toch niet aan zal komen» hebben we trouwens al eens eerder gehoord, namelijk in 2007 en 2008. Toen was er ook geen haast bij de splitsing van Brussel-Halle-Vilvoorde, maar vandaag weten we dat elke dag, ja zelfs elk uur zal tellen om de kieskring nog gesplitst te krijgen voor de volgende federale verkiezingen. Ik vrees dan ook dat Bart de Wever een veel groter risico loopt in juli bruusk uit zijn zoete droom gewekt te worden dan de Patrick Janssens.
Het volstaat trouwens het opiniestuk van Manu Claeys en Peter Verhaeghe te lezen om het uiteindelijke doel van bijvoorbeeld de stRaten-generaal te begrijpen. En een veerpont, liefst maar eentje en dan nog op mankracht opdat het allemaal vooral niet te snel zou gaan, is dan niet eens zo ver gezocht. Een tunnel of een brug zijn voor hen immers niet het eigenlijke probleem, wel al die auto's die allemaal zo dringend Antwerpen willen binnenrijden. Ja, stel je voor zeg. Een terugkeer naar paard en kar, zoals het past voor plattelandsbewoners die de Grote Stad met een bezoek zouden willen vereren, zou inderdaad al veel passender zijn. Het is me al een raadsel waarom nog niet voorgesteld werd om naar Chinees en Sovjet-voorbeeld – ach, de goede oude USSR, waar ís de tijd? – meteen maar pasjes in te voeren om het aantal bezoekers nóg meer te kunnen begrenzen, voor zover ze al gedoogd zouden moeten worden.
Rest me daarom nog de heren Kris Peeters, Bart de Wever en Patrick Janssens de komende maanden van harte een interessante tijd toe te wensen. Voor de miljoenen Vlamingen die niet kunnen snappen waarom het land telkens weer op stelten moet gezet worden voor amper een paar kilometer brug of tunnel is het een magere troost dat dit dossier de heren politici vermoedelijk al veel langer veel meer de strot uitkomt dan henzelf.
De revelatie in de peiling van La Libre Belgique, waarvan de resultaten zondagavond gepubliceerd werden, is ongetwijfeld dat N-VA vandaag de tweede grootste partij in Vlaanderen zou zijn – foutenmarges niet te na gesproken. Maar er valt over de resultaten van deze peiling best wel wat meer te vertellen, want voor meer dan één partij bevat ze historische resultaten.
Beginnen we bijvoorbeeld bij wat nog steeds de grootste partij in Vlaanderen zou zijn: CD&V. De partij gaat erop achteruit vergeleken met de verkiezingen van verleden jaar, maar wel op de grens van wat statistisch significant genoemd kan worden. Tegelijkertijd valt op dat de partij met een aanhang van slechts 20,0% van de stemmen historisch laag scoort bij La Libre Belgique. Alleen Het Laatste Nieuws plaatste de partij ooit lager, iets meer dan een jaar geleden, toen die krant de partij nog slechts 19,9% gaf.
Scoort CD&V historisch laag, dan scoort N-VA weer historisch hoog. La Libre Belgique maakt van de partij zelfs de tweede grootste partij in Vlaanderen, vlak voor het Vlaams Belang. (De nuance dat het verschil tussen N-VA en Vlaams Belang veel minder dan een foutenmarge bedraagt ging in de verdere berichtgeving uiteraard verloren.) De vraag moet echter gesteld worden of de groei die La Libre Belgique N-VA toedicht wel duurzaam is. Tegenover de regionale verkiezingen van verleden jaar maakt de partij een fameuze sprong, maar tegenover de Europese verkiezingen verdubbelt ze zelfs bijna haar score. Het gevaar bestaat dan ook dat wanneer in 2011 de partij de verwachtingen uit de peilingen niet kan inlossen, N-VA op de verkiezingsavond met een kater achterblijft, ondanks stevige winst.
Een ander probleem waar de N-VA mee af te rekenen kan krijgen, is dat haar partners in de Vlaamse regering haar voorlopig niets meer zullen gunnen. In het dossier over de Oosterweelverbinding kon de partij alvast geen finale beslissing doorduwen, en wordt opnieuw een studie ingelast. CD&V kan ook proberen de partij de komende weken een lesje te leren via een federaal omweggetje, en de partij in de Vlaamse regering voor het blok plaatsen door enkele Vlaamse toegevingen rond Brussel-Halle-Vilvoorde. Een monsterscore in een peiling kan daarom al snel een vergiftigd geschenk worden als je vervolgens tweemaal bakzeil moet halen, en misschien zelfs het risico loopt uit de Vlaamse regering gekegeld te worden.
Een andere score die vraagtekens oproept is die van het Vlaams Belang. La Libre Belgique plaatst de partij vandaag op 17,3%, tegenover 17,1% drie maanden geleden. In januari plaatste Le Soir de partij nog onder de 15%, eind verleden jaar kwam ze bij De Standaard/VRT zelfs op een miserabele 12,8% uit. Bovendien kwam de partij de laatste maanden vooral op een negatieve manier in de media, enerzijds omwille van de interne strubbelingen die breed in de pers uitgesmeerd werden, en anderzijds dankzij een systematische uitsluiting van de partij uit het debat over de veiligheid in Brussel (een beetje alsof de media Groen! niet aan het woord zouden laten naar aanleiding van een milieukatastrofe, doch dit terzijde). Het is in ieder geval duidelijk dat La Libre Belgique meent dat de partij langzaamaan uit een dal aan het kruipen is, en stilaan terug zicht begint te krijgen op haar scores uit de verkiezingen van 2007.
Twee partijen die overduidelijk nog steeds in een sukkelstraatje zitten volgens La Libre Belgique zijn sp.a en Open Vld. De eerste partij blijft oscilleren rond de vijftien procent, terwijl de andere voor het eerst bij La Libre Belgique onder de veertien procent zakt. Dat laatste is overigens ook historisch laag, en alleen bij De Stemmenkampioen in 2005 en 2006 deed de partij het ooit slechter. Waar is de tijd dat beide partijen ver boven de twintig procent scoorden, niet in de peilingen maar bij de verkiezingen?
Nog een partij die het niet zo goed doet is Lijst Dedecker, waarbij dan nog moet opgemerkt worden dat de desastreuze voorzittersverkiezingen plaatsvonden nà het afnemen van deze peiling. Dan lijkt het met Groen! toch iets beter te gaan, en voor het eerst in meer dan zes jaar scoort de partij meer dan acht procent bij La Libre Belgique. Is het een gevolg van de opslorping van SLP? Spectaculair kan de vooruitgang niet genoemd worden, maar de partij heeft zich in tegenstelling tot Lijst Dedecker de laatste maanden wel weten te verwijderen van de gevreesde kiesdrempel van vijf procent.
La Libre Belgique voerde geen simulatie uit voor een zetelverdeling, maar extrapolatie van de resultaten naar de verschillende kieskringen levert een interessant prognose op voor zetelverdeling in het Vlaams Parlement. (De prognose die Bart Maddens uitvoerde in opdracht van Het Nieuwsblad voor de federale Kamer leverde overigens erg gelijklopende resultaten op.) De machtsverhoudingen binnen de huidige Vlaamse coalitie zouden met deze resultaten in ieder geval radicaal anders zijn, met drie partijen die in wezen niet zo heel veel van mekaar in grootte verschillen. En eigenlijk zijn alle vijf de grootste partijen in zetelaantal aan mekaar gewaagd. Volgens de prognose zijn coalities zoals CD&V–N-VA–Open Vld en CD&V–Open Vld–sp.a nog steeds mogelijk, naast de huidige coalitie van CD&V, sp.a en N-VA. Een coalitie met N-VA, Open Vld en sp.a haalt dan weer precies de helft van de zetels, en dus één te weinig voor een meerderheid. CD&V en Open Vld alleen, zoals in de federale regering, maken op dit ogenblik echter geen schijn van kans om in het Vlaams Parlement een meerderheid te vergaren – ze halen maar net iets meer dan een derde!
Aan Franstalige zijde blijft de PS hoog scoren, terwijl de aanhang van MR verder afbrokkelt. De oorzaak voor die afbrokkeling hoeft waarschijnlijk niet verder gezocht worden dan bij de groeiende aanhang van de PP. Ecolo doet het opnieuw wat beter, en klimt weer boven de twintig procent. De partij zit daarmee MR op de hielen, om niet te zeggen dat de twee partijen statistisch gezien als even groot beschouwd dienen te worden. CdH lijkt zich te stabiliseren, maar blijft ver achter op Ecolo. Het Front National blijft onder de kiesdrempel, net zoals de PP. Voor die laatste partij gaat het echter wel duidelijk de goede kant op, iets wat niet gezegd kan worden voor het Front National.
Bijlage: Overzicht alle peilingen in Vlaanderen sedert 2004 en Wallonië sedert 2006 (PDF).
Gisterenavond werden de resultaten van een nieuwe peiling van Vers l'Avenir bekendgemaakt. Opmerkelijk: de PS blijft ongenaakbaar aan de leiding in het Waalse partijpolitieke landschap, ondanks de schandaalsfeer rond Michel Daerden. Of moeten we zeggen «dankzij», want Ecolo, de partij die de man uit de regionale regeringen weerde, doet het niet al te best.De resultaten van deze peiling moeten met de nodige voorzichtigheid gehanteerd worden, want ze heeft een globale foutenmarge van maar liefst vier procent. Zware conclusies trekken uit een procent meer of minder is dus niet aangewezen, maar de peiling kan toch nuttig zijn om te zien of de algemene trends van de laatste peiling zich nog steeds verderzetten.
Eén zo'n trend is de stijging van de PS. De partij kroop duidelijk door een dal in de peiling vóór de verkiezingen van verleden jaar, om bij de verkiezingen zelf toch boven de dertig procent af te klokken. Sedertdien staat de partij er weer helemaal opnieuw, en blijft het sterk doen in de peilingen. Het verschil met de vorige peiling van Vers l'Avenir of de verkiezingen van 2009 is niet significant, maar de voorsprong tegenover achtervolger MR oogt indrukwekkend. In haar commentaar bij de resultaten van de peiling schrijft de krant dat de PS zou profiteren van de verkiezingen – wat natuurlijk waar kan zijn. Wat de krant echter verzuimt op te merken is dat diezelfde PS anderzijds toch ook geen nadelen schijnt te ondervinden van de reeks schandalen rond minister van Pensioenen Michel Daerden. Blijkbaar kan het de modale Waal niet veel schelen wat die minister op zijn departement doet – of vooral: niet doet – en in wat voor onfrisse praktijken hij en zijn zoon eventueel verwikkeld zouden kunnen zijn. Als de partij er maar voor zorgt dat er in de Sociale Zekerheid niets beweegt, en Vlaanderen ze dus blijft financieren, dan steekt het misschien zo nauw niet met een beetje corruptie meer of minder?
Een partij die op dit ogenblik niet zo goed boert is Ecolo. Toeval of niet: het was deze partij die ervoor zorgde dat Michel Daerden niet in een regionale regering aan de bak kon komen en dus naar het federale niveau moest verhuizen. De partij lijkt hoe dan ook over een hoogtepunt in de peiling heen te zijn, en keert voorlopig terug tot het niveau van de verkiezingsuitslagen van verleden jaar.
Een partij die op dit ogenblik in échte slechte papieren zit, is de MR. In geen enkele opiniepeiling staat de partij nog op winst tegenover de laatste verkiezingen, en het is duidelijk dat de partij een zwakke periode doormaakt. Vergeleken met drie jaar geleden is de partij zelfs een derde van haar kiezers kwijtgespeeld – meer dan tien procent van het totale electoraat. Didier Reynders staat erom bekend zich nergens zorgen over de maken, zeker niet als het over 's lands financiën gaan, maar het is nog maar de vraag hoe lang hij die houding zal kunnen blijven aanhouden wat zijn eigen partij betreft.
CdH tot slot stabiliseert rond haar laatste verkiezingsuitslag, en blijft daarmee de vierde partij in het Zuiden van het land. Front National blijft dan weer ver onder de kiesdrempel, en zit daar in het gezelschap van onder meer de PP van Mischaël Modrikamen en de partij Wallonie d'Abord.
Bijlage: Overzicht alle peilingen in Wallonië sedert 2006 (PDF).
Je maakt het niet iedere dag mee: Yves Leterme die voor de camera's verklaart dat hij vertrouwen heeft in het gerecht, en het onderzoek dus zijn gang wil laten gaan. Dat een deontologische commissie van de PS de zaak zou bekijken is al helemaal een giller. Maar misschien is het aan Vlaamse zijde wel vooral de CD&V die er belang bij heeft dat Michel Daerden voorlopig op post blijft?Eerste Minister Yves Leterme heeft dus op wonderbaarlijke wijze zijn vertrouwen in het gerecht herwonnen. De tijd dat hij helemaal geen vertrouwen in het gerecht had ligt immers nog niet zo ver achter ons. En van onderzoeken die gewoon hun gang moesten gaan en niet verstoord mochten worden was al helemaal geen sprake. De tijden veranderen dus snel, zeker in de Belgische politiek, en van Yves Leterme beginnen we het stilaan gewoon te worden dat de man de ene maand wit zegt, om de volgende maand voor de camera's doodleuk zwart te beweren.
De beste mop van de afgelopen dagen is echter ongetwijfeld die deontologische commissie van de PS die de zaak zou onderzoeken. Een deontologische commissie bij de PS? Men kan net zo goed Michel Daerden voorzitter maken van de bond van geheelonthouders. Het stemmenkanon uit Luik draait al zo lang mee in de partij dat hij waarschijnlijk van elke mandataris, tot de gemeenteraadsleden in de meest verafgelegen dorpen toe, precies weet wat ze op hun kerfstok hebben. Over de vraag hoeveel leden van die deontologische commissie hem zullen willen veroordelen hoeft dus niet bepaald lang nagedacht te worden.
Maar terug naar Yves Leterme en de CD&V. De zaak-Daerden stelt de federale regering niet bepaald in een positief licht, maar toch moet misschien ook de vraag gesteld worden of de laatste opflakkering de CD&V op dit ogenblik niet bijzonder goed uitkomt. Van goed bestuur is er geen sprake, maar ze gaf Yves Leterme toch nog maar eens de gelegenheid om de CD&V-show van «rustige vastheid» op te voeren voor de camera's. En na de ramp van Buizingen was het bijzonder nuttig even de aandacht te kunnen afleiden van zowel Inge Vervotte als Etienne Schouppe en Jean-Luc Dehaene. Je zou je warempel gaan afvragen of het misschien niet de partijraad van de CD&V was die de map met alle details naar de voltallige pers gestuurd zou hebben.
Is dat laatste misschien wat ver gezocht, kan alleen maar vastgesteld worden dat geen enkele van de andere Vlaamse partijen uit dit dossier zo goed weg weet te komen als de CD&V. Bij de Open Vld heerst in ieder geval een oorverdovende stilte omdat de partij goed weet dat er als federale regeringspartner toch geen punten mee te scoren vallen. Verder dan de hele zaak een «medianummertje» te noemen raakte de partij in ieder geval niet. Elke kritiek van de sp.a is dan weer totaal ongeloofwaardig omdat geen mens zou willen geloven dat die partij van Michel Daerden wel een probleem zou maken als ze federaal mee in de regering zou zitten. En Groen! maakt hoe dan ook geen schijn van kans om in de federale regering te raken als ze er geen PS-creaturen zou dulden. Blijft nog over van de Vlaamse partijen die niet in een cordon sanitaire opgesloten zitten of op imploderen staan: de N-VA, die ooit nog campagne voerde tegen de «verstrikking» van Vlaanderen, maar participationistisch als ze is zich wel liet misbruiken als nuttige idioten om de huidige federale regering tot stand te brengen. Benieuwd of die partij in 2011 campagne zal willen voeren voor de «ontdaerding» van België…
Al bij al doen slechts drie partijen hun relatieve voordeel met deze opflakkering van de zaak-Daerden. Ten eerste is er Ecolo, dat Michel Daerden uit de Waalse regering wist te weren. Ten tweede de PS zelf, die aan haar achterban weer eens laat zien dat haar wil wet is in België. En ten derde de CD&V dus, die zich kan profileren met haar rustige vastheid en de aandacht afgeleid ziet van drie van haar politici die recent in nauwe schoentjes terecht waren gekomen. Trouwens, de kiezer die vandaag nog steeds bereid is op de CD&V te stemmen maakt overduidelijk al geen problemen rond de flagrante woordbreuk van die partij rond Brussel-Halle-Vilvoorde en de staatshervorming. Die kiezer is doodsbang voor elke vorm van verandering, zowel in de ene als de andere richting, en wat dat met zich mee zou kunnen brengen, en gelóóft dus ook in de boodschap van rustige vastheid. Pappen en nathouden, een minder eerbiedig synoniem van die rustige vastheid, is immers ook een beleid. De kans dat die kiezer zich dan plots wél zou opwinden over de aanwezigheid van een schertsfiguur als een Michel Daerden in de federale regering kan dan ook minimaal genoemd worden.
Vlaanderen schuift steeds meer op naar «rechts». Klopt, want vandaag stemmen beduidend meer Vlamingen op liberale en rechts-nationalistische partijen dan pakweg een halve eeuw geleden. Maar dat hoeft nog niet te betekenen dat «links» in Vlaanderen «wegsmelt», zoals onlangs te lezen stond in het vijfde Gravensteenmanifest.Vlak na de Tweede Wereldoorlog stemde iets meer dan een kwart van de Vlamingen BSP. Vandaag stemt nog minder dan één Vlaming op zes op de verre opvolger de sp.a. Dat is een duidelijke achteruitgang, en de socialistische partij staat dan ook op een historisch laagtepunt. Als we echter abstractie maken van de communistische partij van toen en klein-links van vandaag, dan is het grote verschil tussen nu en de eerste jaren na de Tweede Wereldoorlog vooral dat de BSP toen het monopolie had op de linkse kiezer, terwijl dat voor de sp.a vandaag helemaal niet meer het geval is. Groen! vertegenwoordigde in 2009 ongeveer een derde van de linkse kiezers in Vlaanderen, en slorpte sindsdien nog SLP op. Of dat laatste ook enige betekenis heeft is natuurlijk hoogst onzeker, maar het reduceert natuurlijk wel de versnippering op links. Tellen we de scores van de drie partijen bij mekaar op, komen we nog steeds een eind boven de twintig procent uit. Dat is misschien geen topnotering, zoals uit de figuur van hierboven duidelijk, maar links stond er in de jaren zeventig nog slechter voor in Vlaanderen. Stellen dat links in Vlaanderen vandaag wegsmelt is dus waarschijnlijk voorlopig toch nog iets te kort door de bocht.
Naar aanleiding van het opiniestuk dat Guy Verhofstadt eerder deze week in Le Monde liet publiceren, nam Bernard Kouchner even de maat op van de voormalige liberale kopman. «Je pense que le ridicule tue un peu, mais j'espère qu'il ira bien», aldus Bernard Kouchner, en daarmee werd Guy Verhofstadt pijnlijk op zijn plaats gezet.Dat uitgerekend Bernard Kouchner het ballonnetje van Guy Verhofstadt doorprikte zal wel hard aangekomen zijn in Toscane. Bernard Kouchner is de mede-oprichter van Artsen zonder Grenzen (AzG), startte zijn politieke loopbaan bij de Parti Communiste Français (PCF), kwam daarna bij de Parti Socialiste (PS) terecht, vertoefde vervolgens een tijdje in de Parti Radical de Gauche (PRG) om toch maar weer te keren naar de PS, om dan uiteindelijk opgenomen te worden in de centrum-rechtse regering-Fillon van president Nicolas Sarkozy als minister van Buitenlandse Zaken. Kan je zo iemand dan beschuldigen van enggeestig nationalisme, ook al vindt hij het zingen van de Marseillaise blijkbaar geen misdaad tegen de menselijkheid?
Het is niet de eerste keer dat Guy Verhofstadt op zo'n pijnlijke en correcte wijze op zijn plaats gezet wordt. Yves Leterme deed het Bernard Kouchner al eens voor tijdens de verkiezingscampagne van 2007, met de dodelijke one-liner «Wie gelooft die mens nog?» Dodelijk, want die one-liner was niet alleen goed gevonden en op het juiste tijdstip uitgespeeld, maar vooral zo treffend. Met paars-groen en later paars alleen was de leugen aan de macht geweest, en iedereen wist dat. Sociaal-economisch werd er een sinterklaasbeleid gevoerd dat het een lieve lust was, een beleid dat alleen maar mogelijk was door de ekonomische boom waar de regeringen-Verhofstadt van konden profiteren. Zelfs de weinige maatregelen die op papier voor een reserve moesten zorgen, zoals onder meer het beruchte Zilverfonds, waren niet meer dan constructies op papier. De bevolking wist dat toen reeds, en vandaag beginnen zelfs journalisten het te geloven. De gevolgen van het rampzalige beleid van paars(-groen) laten zich echter nu pas echt voelen. Als men België vandaag het etiket «Griekenland aan de Noordzee» durft op te plakken, is dat in grote mate te wijten aan het beleid van Guy Verhofstadt.
Ook van de communautaire pacificatie onder paars-groen en paars geloofde de kiezer nooit een snars. Om veel meer dan het afkopen van de Franstaligen met veel Vlaams geld om Guy Verhofstadt in de 16 te dulden ging het uiteindelijk niet. En Brussel-Halle-Vilvoorde, waarvoor Open Vld-voorzitter Alexander de Croo vandaag een onmiddellijke en definitieve oplossing eist, kon door Guy Verhofstadt alleen maar tijdelijk opgelost worden met de hulp van wat niet meer was dan een leugen: het vervroegen van de federale verkiezingen. Alsof een kieskring plots wel in overeenstemming met de Grondwet zou zijn omdat de verkiezingen veertien dagen vroeger gehouden worden!
Laten we bovendien niet vergeten dat het precies de kieshervorming is die Guy Verhofstadt zo nodig moest doorvoeren die van die kieskring een akuut probleem maakte. Zonder de provinciale kieskringen waarmee hij zowel de CVP als de VU dacht te kunnen inpakken zou Brussel-Halle-Vilvoorde vermoedelijk nog steeds rustig verder hebben kunnen sluimeren, als een bizarre kieskring waar alleen enkele communautaire specialisten en hardliners van gehoord zouden hebben. Bovendien weten we vandaag dat Guy Verhofstadt bereid was tot zeer grote Vlaamse toegevingen om het zelfgeschaapte probleem te doen verdwijnen, en werd hij alleen maar tegengehouden door Geert Lambert onder directe instructies van wijlen Hugo Schiltz. De Franstaligen aan de onderhandelingstafel moeten zichzelf constant in de arm geknepen hebben om zeker te zijn dat ze het allemaal echt niet alleen maar droomden, want wie zou dat allemaal gedacht hebben van uitgerekend die man waarvan sommigen in de jaren negentig dachten (hoopten/vreesden) dat hij wel eens zo stout zou kunnen zijn België eigenhandig te splitsen?
Ziedaar dus de dubbele ramp die de regeringen-Verhofstadt voor Vlaanderen waren: sociaal-economisch een sinterklaasbeleid waarvoor nu de prijs betaald moet worden, en communautair een uitverkoop aan de Franstaligen, waarbij het allerergste slechts op het laatste nippertje nog vermeden kon worden door een politicus die door een groot deel van de Vlaamse beweging verguisd werd. Vergeten we daarbij trouwens niet de rampzalige eerste vreemdelingenregularisatie waar vandaag de «vruchten» van geplukt worden en de stemming van het migrantenstemrecht, om over het veiligheidsbeleid («subjectief onveiligheidsgevoel») nog maar te zwijgen.
Misschien bracht de man tenminste voor zijn eigen partij dan toch een periode van voorspoed? Vóór Guy Verhofstadt definitief aan het roer van de liberale partij kwam, toen nog PVV, was de partij nog maar één keer door de magische grens van de twintig procent gebroken: bij de verkiezingen van 8 november 1981. In de loop van de jaren negentig tilde hij de partij ver boven die grens, om op 18 mei 2003 het absolute toppunt te bereiken met een score van 24,4%. Sindsdien is het echter spectaculair bergaf gegaan met de VLD, later Open Vld. Verleden jaar zakte de partij zelfs opnieuw onder de vijftien procent, wat geleden was van de verkiezingen van 17 april 1977. Voor nog slechtere resultaten moeten we al terug naar de vroege jaren zestig en daarvoor.
Betekent dit dat het liberale gedachtegoed er met Guy Verhofstadt netto op achteruit is gegaan in Vlaanderen? Neen, want 2007 was het eerste jaar waarin meer dan een kwart van de Vlaamse kiezers voor een liberale partij stemde. De laatste zestig jaar is de aanhang van het liberale gedachtegoed gemiddeld met 0,22% per jaar gestegen, en voorlopig is van een kentering nog geen sprake. De erfenis van Guy Verhofstadt op dat vlak is echter dat zijn beleid ervoor gezorgd heeft dat een derde van de liberale kiezers vandaag voor een andere partij dan de Open Vld stemt, namelijk Lijst Dedecker. Die partij zet zich duidelijk af tegen de Open Vld, en dat het zover is kunnen komen, is een duidelijke strategische en politieke fout geweest van de VLD-top, waar Guy Verhofstadt zo niet alles, dan toch wel heel veel te zeggen had.
Nu is het niet helemaal abnormaal dat mensen zich afscheuren en een eigen partij oprichten. Maar na de instroom van de jaren negentig vanuit zowel VU als CVP, volgde een hele reeks afscheuringen van de VLD na 2000. Eén van de eersten in het rijtje was Veilig Blauw van Leo Govaerts, daarna het Liberaal Appèl van wijlen Ward Beysen, vervolgens VLOTT van Hugo Coveliers, en uiteindelijk dus ook Lijst Dedecker van Jean-Marie Dedecker (na een korte omzwerving via N-VA). Het enige teken dat nog duidelijker aantoont dat er in het huidige decennium iets fundamenteel fout is gegaan met de VLD of Open Vld als liberale partij, is de quasi-halvering in stemmenaantal. Besluit: ook voor zijn eigen partij is Guy Verhofstadt netto een ramp gebleken.
Hoeft het dan te verwonderen dat na het afwerpen van zowel de Vlaamse als de liberale gewaden van de jaren negentig, ook België stilaan te klein is geworden voor het genie van Toscane, en hij zich nu wil opwerpen als dé Europese denker en filosoof van de éénentwintigste eeuw? Naar het schijnt werkt hij nu naarstig aan een opus magnum. Wie dacht dat de Burgermanifesten Guy Verhofstadts opus magnum waren, is er dus aan voor de moeite – tenzij dit dan zijn open maius zou worden. In dat «opus maius» is hij volgens de geruchten van plan uit te leggen hoe kosmopolitisch, multicultureel en multi-etnisch Europa in de negentiende eeuw wel was, en hoe kerktorennationalisten van het slag van een Bernard Kouchner en tribalisten van het niveau van een Bart de Wever dat aards paradijs verstoord hebben met hun enkelvoudige identiteit. Iets zegt me dat hij vooral de Dubbelmonarchie Oostenrijk-Hongarije zal ophemelen als hét archetype van de utopische multiculturele multi-etnische staat, ook al hadden de vele volkeren die het voorrecht genoten deel te mogen uitmaken van die Dubbelmonarchie zelf weinig of geen keus. Overigens niet de enige gelijkenis met tegenpool Joegoslavië, want het startschot van Eerste Wereldoorlog, één van de bloedigste oorlogen die ons continent gekend heeft, werd niet toevallig precies in een achterhoek van die Dubbelmonarchie gelost. Het wordt interessant om lezen hoe Guy Verhofstadt dát zal weten in te passen in zijn multicultureel multi-etnisch plaatje.
A propos kosmopolitische, multiculturele en multi-etnische staten, hoop ik van harte dat één of andere journalist bij de publicatie van dat «opus maius» het lef zal hebben Guy Verhofstadt de vraag voor te leggen of de onafhankelijkheidsverklaring van Congo in 1960 dan in se niet betreurd dient te worden. Stel je voor wat voor een kosmopolitische, multiculturele en multi-etnische staat het federale België had kunnen worden met niet alleen een Vlaams, Brussels en Waals gewest, maar bovendien ook een Congolees, Rwandees en Burundees gewest? Met misschien wel een kieskring Brussel-Halle-Lubumbashi erbovenop? En reflecteren in de Senaat! Ze hadden er in Oostenrijk en Hongarije een puntje kunnen aan zuigen, maar de vraag is natuurlijk maar of bijvoorbeeld een Joseph Kabila of Paul Kagame even opgezet geweest zouden zijn met zo'n constructie. Of zou Guy Verhofstadt het allemaal ook weer zo niet bedoeld hebben?
Om kort te gaan: veel meer dan interessantdoenerij met veel moeilijke woorden, wereldvreemde staatsconstructies en referenties naar dikke boeken die vooral chique moeten staan in het voetnotenapparaat of de bibliografie is dat Europees gedaas van Guy Verhofstadt niet. Als morgen ET aanklopt, zal hij wel een opus maximum willen schrijven over hoe interstellair die Azteken of Egyptenaren wel niet waren. Zou de wereld er trouwens niet veel beter uitzien als we allemaal een beetje meer marsmannetje zouden zijn, in plaats van met onze enkelvoudige menselijke identiteit en daarbij horend tribalisme mekaar de eng-nationalistische duvel aan te doen? En als ET zich niet snel genoeg aandient, kan hij misschien nóg verder in de geschiedenis terugkeren, naar de tijd toen de dieren nog spraken. Dat de os en de ezel, de bloemetjes en de bijtjes zich al maar klaar houden voor het geval hij zich ook in hen wil verdiepen!
«Het gaat goed met de CD&V.» Aan het woord is partijvoorzitster Marianne Thyssen in een interview met Knack verleden week. En inderdaad, de partij zit stevig in zowel de Vlaamse als de federale regering, mocht onlangs zelfs de Europese «president» leveren, en staat afgetekend voorop in de peilingen. Maar is dat zelfvertrouwen, dat op momenten zelfs grenst aan een zeker triomfalisme, wel helemaal terecht?Wie niet beter weet, zou inderdaad denken dat het de CD&V tegenwoordig voor de wind gaat. De partij zit als enige Vlaamse partij zowel federaal als regionaal in de regering. Bovendien levert ze zowel de federale eerste minister als de Vlaamse minister-president – ja zelfs de Europese «president» komt uit de CD&V-stal. Volgens de laatste opiniepeilingen behoudt de partij trouwens afgetekend het marktleiderschap in partijpolitiek Vlaanderen, waardoor ze in de praktijk als incontournable beschouwd mag worden wanneer er nog eens een regering gevormd moet worden. Men heeft zelfs het lef de woordbreuk van 2004, 2007 en 2009 over de staatshervorming en Brussel-Halle-Vilvoorde vandaag te verkopen als staatsmanschap van de bovenste plank, en het immobilisme in de federale regering aan te prijzen als «rustige vastheid» of «samenwerkingsfederalisme».
Maar gaat het dan echt wel zo goed met de CD&V? Het blakende zelfvertrouwen van Marianne Thyssen steekt schril af tegenover het beeld dat de andere CD&V-figuren de laatste tijd hebben neergezet in de media. Neem nu een Vlaams minister-president Kris Peeters, die niet meer kan doen dan machteloos vaststellen dat Opel Antwerpen onherroepelijk dicht zal gaan. Of Hilde Crevits, die dag na dag in het journaal mag komen uitleggen waarom die E313 nog steeds niet hersteld is. Naar het schijnt zijn ook Jo Vandeurzen en Joke Schauvliege Vlaamse ministers, maar veel hebben we van hen nog niet mogen vernemen, tenzij dan dat de laatste graag al eens wat amateurtoneel meepikt. Ook federaal minister Inge Vervotte heeft nog niet veel van zich laten horen sedert haar heraanstelling, en Pieter de Crem lijkt zich vooral te specialiseren in het omtoveren van vliegtuigen tot stukken schroot. De enige die zich de laatste tijd positief heeft laten opmerken is Steven Vanackere, maar dan vooral omdat hij zich in Congo liet opmerken met een fris pintje in de hand – of was het maar een glas fruitsap? – bij Joseph Kabila, en Karel de Gucht het zo absoluut nodig vond daarover in een zondags TV-programma zijn gramschap te moeten halen.
Blijft nog over: Yves Leterme, federaal eerste minister en politiek met afstand dé tragische figuur van de laatste jaren. Zijn one-liner «wie gelooft die mens nog» was een voltreffer in 2007, maar sloeg op hem als een boemerang terug en is hem sindsdien blijven achtervolgen. Vandaag is die uitspraak echter amper nog van toepassing op hem, omdat hij eigenlijk niets meer zegt wanneer hij nog eens voor een camera verschijnt. Dat hij in verband met het sociaal overleg zowel de werkgeverskool als de werknemersgeit wil sparen is niets nieuws – dat is nu eenmaal een onderdeel van de grondvesten van de christen-democratie in Vlaanderen. Maar heeft iemand ergens iets opgevangen wat voor een mening van Yves Leterme kan doorgaan over de zaak-Daerden (in de Senaat), de zaak-Daerden (het revisiekantoor) of de maaltijdchequezwendel in enkele Waalse gemeenten? Zelfs de meest stuitende corruptie en PS-arrogantie kan bij hem niets meer losweken dan een nietszeggende commentaar ingewikkeld in een wollige taal waaruit men maar één ding kan concluderen: de man zit in de 16, en wil daar koste wat het kost zo lang mogelijk blijven zitten. En reken maar dat de PS een carte blanche herkent wanneer zij er een ziet.
Daar komt nog bij dat Jean-Luc Dehaene zich de laatste tijd een aantal keren heeft laten opmerken op een voor de partij nogal ongunstige wijze. Met de beide handen in de koekjestrommel van AB InBev gesnapt worden op het ogenblik dat er daar ontslagen vallen is voor de ACW-top misschien niet meer dan een beetje gênant, maar bij de basis van de partij moet zoiets toch hard aankomen. Dat hij ook bij Dexia niet bepaald naast de poen pakt schijnt men ondertussen al vergeten te zijn. Ook de schets voor een oplossing van het dossier-Brussel-Halle-Vilvoorde zoals die onlangs in de pers uitlekte zal bij menig CD&V-militant niet bepaald op applaus onthaald zijn. Het kartel met de N-VA was voor de CD&V-top waarschijnlijk nooit meer dan een middel om aan de macht te komen, maar bij de basis lag dat iets anders. Of die uitgelekte schets al dan niet authentiek is doet er daarom eigenlijk weinig toe: dat Jean-Luc Dehaene zo'n schabouwelijke «oplossing» zou durven voorstellen is hoogst geloofwaardig, en dat weet iedereen. Jean-Luc Dehaene is immers samen met Herman van Rompuy één van de moreel meest abjecte politici die Vlaanderen ooit heeft voortgebracht: de inhoud van een akkoord kan hem geen moer schelen, als hij er maar weg mee kan komen (en zijn postje kan behouden). Voor de gewone CD&V-kiezer en -militant moet het alweer een pijnlijke gewaarwording zijn dat N-VA-voorzitter Bart de Wever via de Vlaamse regering hun hoop in bange dagen is…
Dit leidt meteen tot de vraag: waarom stemt iemand voor de CD&V, en blijft dat zelfs herhaaldelijk doen? Gaat het om kiezers met een geheugen van een goudvis, die telkens weer denken dat het de CD&V deze keer echtig en techtig menens is met haar Vlaamse beloften? Of onderschatten wij de CD&V-kiezers, die immers voor de CD&V kiezen ondánks de Vlaamse beloften, omdat zij weten dat zij uiteindelijk toch weer de Belgische kaart zal trekken? In dat geval speelt de CD&V-leiding bij iedere verkiezing met vuur, want elke trouwe kiezer die zij weet te overtuigen van haar Vlaams verkiezingsprogramma, stuurt zij op termijn onvermijdelijk richting N-VA.
In dat opzicht staat de figuur van hierboven, met een overzicht van de verkiezingsuitslagen van de christen-democratie in Vlaanderen sedert WO II, in sterk contrast met de vaststelling van partijvoorzitster Marianne Thyssen in het interview met Knack. Een eenvoudige lineaire regressie leert immers dat de christen-democratie in Vlaanderen historisch een halveringstijd kent van ongeveer 40 jaar, en dat aan die historische trend voorlopig nog geen einde lijkt gekomen te zijn. Noch de verkiezingsuitslag van verleden jaar, noch de resultaten in de recentste opiniepeilingen geven immers een trendbreuk aan. Zet die historische trend zich voort, dan zakt de partij tussen 2011 en 2014 door de grens van de twintig procent, en gaat er vóór 2030 nog eens vijf procent van af. Een trend van meer dan zestig jaar buig je niet om met een geslaagde nieuwjaarsreceptie.
Gaat het dus goed met de CD&V? Eigenlijk niet, of beter: helemaal niet. En dat geldt zowel op korte als op lange termijn. Haar uitspraak heeft daarom ook meer weg van fluiten in het donker dan het weergeven van een reële stand van zaken.
Eerste minister Yves Leterme verklaarde deze morgen in het VRT-programma De Ochtend dat men «zonder taboes» de veiligheidsproblematiek in de Brussel moet durven aanpakken. De lezer vergisse zich echter niet: dit is niet meer dan een oproep aan politici en media om de rangen rond die taboes te blijven sluiten. Had Yves Leterme ook maar een greintje eerlijkheid of oprechtheid in zich gehad, had hij immers meteen ook alle taboes op tafel gesmeten.Olifant 1: Yves Leterme, de huidige bewoner van de 16 maar in de eerste plaats nog altijd de gegijzelde van de PS, wil dus dat de «hele keten van de beveiliging doorgelicht» wordt. Ik heb het radioprogramma niet gehoord, maar als ik de berichtgeving over het interview lees, kan ik me inderdaad niet van de indruk ontdoen dat de man – voor zover dat woord op hem nog van toepassing is – al druk bezig is om een nieuwe toegeving aan de Franstaligen in het algemeen en de PS in het bijzonder voor te bereiden: meer geld voor Brussel. Wie deze middag Philippe Moureaux, meer dan wie ook verantwoordelijk voor de huidige problemen, in het journaal bezig zag, weet dat het voor de PS enkel daarom draait. (Leestip: het interview van oktober verleden jaar in De Standaard met Philippe Moureaux naar aanleiding van… jawel, enkele rellen.) Maar indien de Vlamingen bezorgd zijn om de veiligheid in Brussel, dan zijn ze natuurlijk altijd welkom om via het federale niveau nog eens wat extra geld in Brussel te stoppen. Zij maken zich echter beter niet de illusie dat dat geld vervolgens ook gebruikt zou worden om ook maar iets aan de toestand op straat te veranderen. Men kan immers toch niet verwachten dat de PS in Brussel electoraal harakiri zou plegen twee jaar vóór de gemeenteraadsverkiezingen.
Olifant 2: Sommige media doen het voorkomen of de veiligheidsproblemen in Brussel van recente datum zijn. Meer zelfs, wie gisteren naar De Zevende Dag keek zou gedacht hebben dat het probleem voor enkele politici en journalisten werkelijk als een donderslag bij heldere hemel kwam. Nochtans is er één bepaalde partij die het probleem ondertussen al meer dan twintig jaar aanklaagt, en al die tijd voor een escalatie gewaarschuwd heeft. Tot nog toe werd die partij niet eens vermeld in de berichtgeving, laat staan uitgenodigd in de debatten. Het heet nochtans dat die partij een one-issue-partij is, en dat precies dit onderwerp dus dat ene issue is. Zou het misschien daarom zijn dat de berichtgeving over het colloquium over de «Ordelijke Opdeling» van België verhoudingsgewijs zo uitgebreid was, en het non-issue over dat «extraatje» van Bruno Valkeniers zo in de verf gezet werd?
Olifant 3: Nu we het toch over die onvermeldbare partij hebben: zou ik echt de enige zijn die zich afvraagt of de open brieven die Luckas vander Taelen recentelijk afgescheiden heeft en in De Standaard mocht publiceren, ooit de kolommen van die krant (of welk ander medium dan ook) gehaald zouden hebben indien ze door één van de mandatarissen van die partij geschreven waren? Zelfs commentaren op de huidige berichtgeving die eigenlijk niet meer zijn dan een herkauwen van wat Luckas vander Taelen eerder schreef komen er dankzij de recente censuurmaatregel van marketeer van het jaar 2007 en nu al mediacriticus van het jaar 2010 Peter Vandermeersch niet meer in. Officieel omdat de spelregels van het forum niet gerespecteerd werden. Wie echter al iets te nadrukkelijk durft vast te stellen dat de zon ook deze ochtend weer in het Oosten is opgekomen kan zich al aan een overtreding van die spelregels schuldig gemaakt hebben. De uitval van journaliste Annemie Struyf in De Zevende Dag naar de redactie van De Standaard1 plaatste de afwijzing van enkele lezersreacties die mij toegespeeld werden in een wel heel merkwaardig perspectief. Ik zal er voor de lezer wel geen tekeningetje hoeven bijmaken…
Olifant 4: Om nog even wat door te bomen over die brieven van Luckas vander Taelen: wat zou de reactie van zijn eigen partij geweest zijn moest inderdaad een mandataris van die andere partij achter die twee brieven gezeten hebben? Ik heb namelijk zo een vermoeden dat Groen! in dat geval vooral zou wedijveren met de sp.a om haar gruwel over zoveel onfatsoenlijke praat zo hard mogelijk uit te schruwelen. En zich het vuur vanonder de sloffen zou lopen om de twee brieven nog te kunnen toevoegen aan het dossier tegen de partij in verband met de procedure die voor de Raad van State loopt om de overheidsfinanciering van de partij te stoppen. Luckas vander Taelen mag het me altijd komen vertellen als hij zich van die procedure zou willen distantiëren, maar tot nader order zou ik toch durven stellen dat enige hypocrisie hem niet vreemd lijkt te zijn bij de slachtofferrol die hij zich vandaag aanmeet.
Olifant 5: Ik had het eerder al over de verpletterende verantwoordelijkheid van Philippe Moureaux voor de huidige problemen. Wie het hierboven vermelde interview eens herleest, zal misschien volgende passage in de inleidende tekst opmerken: «En spreken van een verloren generatie van jongeren vindt [Philippe Moureaux] al helemaal overdreven.» Vergelijk dat maar eens met het interview met Jan Schonkeren vandaag in diezelfde krant, onder de titel «‘Haal het uitschot van straat’» en met uitspraken als «het is “uitschot”, een verloren generatie met wie niets meer aan te vangen is» en «ze moeten dringend van de straat geveegd worden.» Ja, toch niet met een Kärcher zoals een Frans politicus ooit eens voorstelde? Nog goed dat de man voorzitter van de liberale politievakbond VSOA is (en bijvoorbeeld geen ex-lid van het Front de la Jeunesse zoals een bepaald gewezen politiecommissaris in Schaarbeek), want anders had hij waarschijnlijk al lang een klacht wegens racisme aan zijn broek gehad!
Olifant 6: Als Yves Leterme dan toch wil dat de «hele keten van de beveiliging» doorgelicht wordt, kunnen we dan werkelijk nog langer rond de pot blijven draaien in plaats van vast te stellen dat het fundamentele probleem in Brussel zich toch vooral situeert rond het ingebakken racisme van de Vlamingen? Of niet soms? Als men bijvoorbeeld in Beringen eens zou ophouden zo flauw te doen over enkele luidsprekers aan een minaret, zou men in Brussel al meteen een reden minder hebben om agenten neer te schieten. Zouden dat trouwens die moslima's zijn die in Antwerpen de toegang tot hun school ontzegd worden omdat ze ocharme een hoofddoek – een stuk stof! – zouden willen dragen, die de straten rond de industriële hogeschool ISIB in Anderlecht onveilig maakten en nog steeds maken? Of heeft dat allemaal niets, maar dan ook werkelijk niets, rien, nichts, nothing, nada met mekaar te maken?
Om af te sluiten: wat die kalasjnikovs betreft, als die bomspotters in Kleine Brogel eens een wat spannender alternatief willen, weten ze waar ze terecht kunnen. Het zou namelijk zeer interessant zijn te weten te komen of hun «andere visie» om conflicten op te lossen met trainingen in geweldloos handelen en burgerlijke ongehoorzaamheid in Brussel veel verf zou pakken. Verder stel ik voor dat cdH en PS een eenmalig regularisatievoorstel voor die kalasjnikovs uitwerken om ook dat probleem eens ten gronde te kunnen aanpakken.
1 Letterlijke transcriptie van de uitval van journaliste Annemie Struyf naar de redactie van De Standaard:
Er was een heel lelijke mail gekomen. (…) En dan verscheen die mail als lezersbrief in De Standaard. (…) Dat was een mail die vol stond met scheldtirades. En ik herkende die mail in De Standaard en al die scheldtirades die waren daar uitgehaald.
Daar was eindredactie op gebeurd. De briefschrijver was anoniem gemaakt. Dat betekent eigenlijk dat een dorpsgek de meeste foute dingen over je kan zeggen, in de meest vreselijke taal. Een redactie pikt dat op. Die haalt al die scheldtirades daaruit. Die laat die argumenten staan, maar die formuleert die nog een beetje beter.
Ik bedoel, dan wordt je wel heel kwetsbaar.
Ik had veel liever gehad dat die brief verschenen was met al die scheldtirades. Omdat dat aangeeft van welk niveau de tegenreactie is. En, ik had vooral heel graag gehad dat de briefschrijver met naam en toenaam was vermeld. Zij had aan de redactie van de krant laten weten dat haar werkgever nog niet wist dat zij tot de islam was bekeerd, dat haar ouders dat niet wisten. Ik wist zeer goed om wie het ging. Haar werkgever en haar ouders weten dat zeer goed.
Annemie Struyf in De Zevende Dag, 31 januari 2010
De arrogantie en hypocrisie van nu Europees commissaris van Ontwikkelingshulp en Humanitaire Hulp Karel de Gucht blijft stuitend. Gevraagd naar zijn mening over het optreden van minister van Buitenlandse Zaken Steven Vanackere in Congo de afgelopen week, antwoordde hij dat hij het «als mens» nooit gedaan zou krijgen om zomaar een biertje met president Joseph Kabila te heffen. Het wordt uitkijken of hij straks, als Europees commissaris van Handel, en «als mens», ook in Beijing biertjes zal afwijzen.Men kan een lange boom opzetten over wat nu de juiste Belgische strategie en politiek tegenover Congo en de andere landen in Centraal-Afrika zou moeten zijn, maar de morele superioriteit die Karel de Gucht zich deze voormiddag aanmat in het VRT-programma De Zevende Dag staat hem absoluut niet. Dat Steven Vanackere daar in Congo zomaar een biertje stond te heffen met Joseph Kabila, dat ging er bij hem echt niet in. Had Steven Vanackere zélf een paar Congolese meisjes mee helpen verkrachten, de verontwaardiging van Karel de Gucht zou amper groter kunnen geweest zijn. De vraag is echter of het beleid dat Karel de Gucht als Belgisch minister van Buitenlandse Zaken tegenover Congo voerde dan werkelijk zo effectief was om er de humanitaire catastrofe te verlichten. Blijkbaar niet, want zoals hij zelf met veel misbaar aangaf: het is er vandaag even erg – noch beter noch slechter dus als ik hem goed begrepen heb – als toen hij zelf nog minister was. Eigenlijk een bekentenis van formaat, maar de journalist van dienst ging er jammer genoeg niet op in.
Waar de journalist van dienst ook niet op in ging, was hoe het beleid van Karel de Gucht er zal uitzien wanneer hij binnenkort Europees commissaris van Handel wordt. En in het bijzonder, wat er zal gebeuren als Karel de Gucht in, ik zeg maar wat, Beijing een biertje aangeboden krijgt van de plaatselijke regeringsleiders. Zal hij dat biertje dan ook weigeren, «als mens»? Of zal hij het met veel smaak achteroverkappen, kwestie van de vette, net ondertekende contracten niet in gevaar te brengen? Karel de Gucht heeft in het verleden al afdoende bewezen dat hij zijn principes snel weet op te bergen als dat nodig is. De Dalai Lama mocht het al eens ondervinden in 2005. En nog eens in 2007.
Maar is China Congo wel? Uiteraard niet. En uit die vaststelling volgt meteen ook dat de strategische en politieke benadering van China niet dezelfde hoeft te zijn, en hoogstwaarschijnlijk niet dezelfde zou mogen zijn, als de strategische en politieke benadering van Congo. Maar wanneer Karel de Gucht er morele principes bijsleurt, dan is het zeer de vraag of hij met zijn Chinees palmares wel het recht heeft zo hoog van de toren te blazen. De realiteit in Afrika is vandaag immers dat China ervoor zorgt dat nogal wat leiders er rustig hun gangen kunnen gaan, zonder te hoeven vrezen voor economische sancties. China stilt immers in Afrika zijn grondstoffenhonger door middel van economische verbindingen die het best kunnen omschreven worden als een beleid van no questions asked – niet alleen in Congo, maar ook in landen zoals bijvoorbeeld Soedan. Heeft Joseph Kabila bloed aan zijn handen, dan heeft men dat in China ook, en wel een grootteorde meer. (En over Tibet of de behandeling van de Oeigoeren hebben we het dan nog niets gehad.) Wil men dus iets aan de situatie in Afrika doen, gaat de weg feitelijk via Beijing. Probleem is echter dat dat niet meer zo vrijblijvend is als een goedkoop nummertje over de Congolese president in een televieprogramma op een zondagvoormiddag. Het is echter wel pas dan dat men werkelijk te weten komt hoeveel die morele principes van Karel de Gucht nu werkelijk waard zijn.
Heeft Steven Vanackere dan gelijk als hij in Congo zoete broodjes gaat bakken bij Joseph Kabila? Zelf noemde hij het een «hoffelijke» ontvangst, maar iets zegt me dat hij er als CD&V'er vooral uitgezonden was om er de Belgische – lees: Brussels-Franstalige – banden met Congo een beetje aan te halen («ontguchten»). Je weet maar nooit dat er binnenkort misschien weer enkele «zaakjes» te regelen zouden vallen. Franstalig Brussel en Beijing hebben in ieder geval gemeen dat ze, wat dat betreft, zich niet veel aantrekken van humanitaire toestanden, maar in Franstalig Brussel zijn ze het wel aan zichzelf verplicht daar hypocriet over te doen. Maar zelfs als het erom zou gaan op die manier de humanitaire toestand in Congo wat te verbeteren, dan nog vergist Steven Vanackere zich al even fataal als Karel de Gucht. Voor heerschappen als een Joseph Kabila is België nuttig als het bereid is hogere grondstofprijzen te betalen dan China, of als het nog eens gechanteerd kan worden met het koloniale verleden om wat geld in de zakken van de machthebbers te storten. Maar als puntje bij paaltje komt, maakt het allemaal uiteindelijk niet veel uit zolang «men» China in Afrika zijn gangen laat gaan. Al de rest zijn alleen maar praatjes.
Volgens cijfers van de politie in Oslo werd in 2009 een nieuw record gevestigd: er vonden verleden jaar namelijk dubbel zoveel verkrachtingen met geweld plaats als het jaar voordien. Bovendien bleek dat niet alleen in 2008 en 2009, maar ook in 2007, de dader telkens een niet-Westerse immigrant was. De slachtoffers daarentegen waren in negen van de tien gevallen Noors – niet alleen volgens nationaliteit maar ook etnisch. Ongeveer een vijfde van de inwoners in de Noorse hoofdstad heeft een niet-Westerse achtergrond.— Twee mannen volgden me tot ik thuis was. Toen ik de deur van mijn appartement opende, overvielen ze me, en verkrachtten me ieder om de beurt, vertelt een jonge vrouw aan de Noorse nationale omroep NRK. Zij was één van de slachtoffers van 2009.
Volgens de politie had niet één van de daders van de verkrachtingen met geweld de laatste drie jaar een Westerse achtergrond. Vier mannen werden gearresteerd, en in alle andere gevallen gaven de slachtoffers aan dat de daders er ofwel niet-Westers uitzagen, ofwel een niet-Westerse taal spraken. Niet één zaak kon gelinkt worden aan een Westerse man.
21 Gevallen werden er in 2009 gerapporteerd, het hoogste aantal sedert de politie statistieken begon bij te houden in 2006. Negen van de tien slachtoffers waren Noors – etnisch Noors dus –, zowel in 2009 (17 van de 21) als in 2008 (9 van de 11). Hanne Kristine Rohde, woordvoerster van de politie in Oslo, vroeg zich openlijk af wat voor vrouwbeeld deze daders eigenlijk zouden hebben.
Zij weet overigens dat deze cijfers zeer controversieel zijn. Gevraagd of ze niet een hele gemeenschap dreigen te stigmatiseren, antwoordt ze dat ze een bijdrage tot een betere en veiligere wereld wil leveren. Daarom ook wil ze dat de waarheid verteld wordt, vertelde ze aan NRK.
Het zou interessant zijn te weten of dit een bijzonder Noors fenomeen is, dan wel of steden als Brussel, Antwerpen, Rotterdam of Amsterdam gelijkaardige cijfers en gelijkaardige problemen kennen. Ik vrees echter dat zelfs nog maar vragen naar dergelijke statistieken al snel opmerkingen over racisme zou kunnen opleveren, en dat de politie bewust geen statistieken bijhoudt zodat ze ook niet kunnen uitlekken. Niet iedereen heeft nu eenmaal dezelfde mening over de waarheid, en hoe men best bijdraagt tot een betere en veiligere wereld.