Posts tonen met het label China. Alle posts tonen
Posts tonen met het label China. Alle posts tonen

zondag, januari 24, 2010

Noch De Gucht noch Vanackere moreel superieur

De arrogantie en hypocrisie van nu Europees commissaris van Ontwikkelingshulp en Humanitaire Hulp Karel de Gucht blijft stuitend. Gevraagd naar zijn mening over het optreden van minister van Buitenlandse Zaken Steven Vanackere in Congo de afgelopen week, antwoordde hij dat hij het «als mens» nooit gedaan zou krijgen om zomaar een biertje met president Joseph Kabila te heffen. Het wordt uitkijken of hij straks, als Europees commissaris van Handel, en «als mens», ook in Beijing biertjes zal afwijzen.

Men kan een lange boom opzetten over wat nu de juiste Belgische strategie en politiek tegenover Congo en de andere landen in Centraal-Afrika zou moeten zijn, maar de morele superioriteit die Karel de Gucht zich deze voormiddag aanmat in het VRT-programma De Zevende Dag staat hem absoluut niet. Dat Steven Vanackere daar in Congo zomaar een biertje stond te heffen met Joseph Kabila, dat ging er bij hem echt niet in. Had Steven Vanackere zélf een paar Congolese meisjes mee helpen verkrachten, de verontwaardiging van Karel de Gucht zou amper groter kunnen geweest zijn. De vraag is echter of het beleid dat Karel de Gucht als Belgisch minister van Buitenlandse Zaken tegenover Congo voerde dan werkelijk zo effectief was om er de humanitaire catastrofe te verlichten. Blijkbaar niet, want zoals hij zelf met veel misbaar aangaf: het is er vandaag even erg – noch beter noch slechter dus als ik hem goed begrepen heb – als toen hij zelf nog minister was. Eigenlijk een bekentenis van formaat, maar de journalist van dienst ging er jammer genoeg niet op in.

Waar de journalist van dienst ook niet op in ging, was hoe het beleid van Karel de Gucht er zal uitzien wanneer hij binnenkort Europees commissaris van Handel wordt. En in het bijzonder, wat er zal gebeuren als Karel de Gucht in, ik zeg maar wat, Beijing een biertje aangeboden krijgt van de plaatselijke regeringsleiders. Zal hij dat biertje dan ook weigeren, «als mens»? Of zal hij het met veel smaak achteroverkappen, kwestie van de vette, net ondertekende contracten niet in gevaar te brengen? Karel de Gucht heeft in het verleden al afdoende bewezen dat hij zijn principes snel weet op te bergen als dat nodig is. De Dalai Lama mocht het al eens ondervinden in 2005. En nog eens in 2007.

Maar is China Congo wel? Uiteraard niet. En uit die vaststelling volgt meteen ook dat de strategische en politieke benadering van China niet dezelfde hoeft te zijn, en hoogstwaarschijnlijk niet dezelfde zou mogen zijn, als de strategische en politieke benadering van Congo. Maar wanneer Karel de Gucht er morele principes bijsleurt, dan is het zeer de vraag of hij met zijn Chinees palmares wel het recht heeft zo hoog van de toren te blazen. De realiteit in Afrika is vandaag immers dat China ervoor zorgt dat nogal wat leiders er rustig hun gangen kunnen gaan, zonder te hoeven vrezen voor economische sancties. China stilt immers in Afrika zijn grondstoffenhonger door middel van economische verbindingen die het best kunnen omschreven worden als een beleid van no questions asked – niet alleen in Congo, maar ook in landen zoals bijvoorbeeld Soedan. Heeft Joseph Kabila bloed aan zijn handen, dan heeft men dat in China ook, en wel een grootteorde meer. (En over Tibet of de behandeling van de Oeigoeren hebben we het dan nog niets gehad.) Wil men dus iets aan de situatie in Afrika doen, gaat de weg feitelijk via Beijing. Probleem is echter dat dat niet meer zo vrijblijvend is als een goedkoop nummertje over de Congolese president in een televieprogramma op een zondagvoormiddag. Het is echter wel pas dan dat men werkelijk te weten komt hoeveel die morele principes van Karel de Gucht nu werkelijk waard zijn.

Heeft Steven Vanackere dan gelijk als hij in Congo zoete broodjes gaat bakken bij Joseph Kabila? Zelf noemde hij het een «hoffelijke» ontvangst, maar iets zegt me dat hij er als CD&V'er vooral uitgezonden was om er de Belgische – lees: Brussels-Franstalige – banden met Congo een beetje aan te halen («ontguchten»). Je weet maar nooit dat er binnenkort misschien weer enkele «zaakjes» te regelen zouden vallen. Franstalig Brussel en Beijing hebben in ieder geval gemeen dat ze, wat dat betreft, zich niet veel aantrekken van humanitaire toestanden, maar in Franstalig Brussel zijn ze het wel aan zichzelf verplicht daar hypocriet over te doen. Maar zelfs als het erom zou gaan op die manier de humanitaire toestand in Congo wat te verbeteren, dan nog vergist Steven Vanackere zich al even fataal als Karel de Gucht. Voor heerschappen als een Joseph Kabila is België nuttig als het bereid is hogere grondstofprijzen te betalen dan China, of als het nog eens gechanteerd kan worden met het koloniale verleden om wat geld in de zakken van de machthebbers te storten. Maar als puntje bij paaltje komt, maakt het allemaal uiteindelijk niet veel uit zolang «men» China in Afrika zijn gangen laat gaan. Al de rest zijn alleen maar praatjes.

maandag, mei 04, 2009

Varkensgriep en de moderne pest: het racisme

Alle gevallen van Mexicaans griep (Influenza A (H1N1))Uit de laatste cijfers van de WHO blijkt duidelijk dat de verspreiding van de Mexicaanse griep de laatste dagen trager verloopt dan in het begin, zeker wanneer men ook rekening houdt met het feit dat laatste cijfers vanuit Mexico vooral betrekking hebben op oude gevallen waarvoor de analyses nu pas klaar zijn. Maar wat moeten we ondertussen denken van de behandeling die enkele Mexicanen en andere buitenlanders in China krijgen?

Dat er in Mexico nauwelijks nieuwe gevallen van de ziekte gemeld worden is hoopgevend, maar misschien wordt het tijd om stilaan het zoeklicht op landen als de Verenigde Staten, Canada en Spanje te richten. In Canada werd immers net de kaap van de honderd gevallen overschreden, terwijl Spanje ondertussen al meer dan vijftig gevallen telt.

Een politiek interessantere zaak is wat ondertussen op een heel ander continent gebeurt. China heeft namelijk een aantal Mexicanen in quarantaine geplaatst, volgens Mexicaanse diplomaten in sommige gevallen louter en alleen omdat de betrokkenen een Mexicaans paspoort hadden. Nog merkwaardiger is dat de Chinese autoriteiten niet eens de moeite doen om deze wel heel arbitraire maatregel te ontkennen of weerleggen: woordvoerder Ma van het Chinese Ministerie van Buitenlandse Zaken verklaarde dat de Chinese regering weliswaar begrip heeft voor de Mexicaanse bekommeringen over een gebrek aan respect voor de mensenrechten, maar vroeg tegelijk dat de Mexicaanse regering «kalm en objectief» bleef, want het ging tenslotte toch ook om de volksgezondheid. En je kan inderdaad moeilijk verwachten dat een regime dat niet eens respect heeft voor de mensenrechten van de eigen Chinese medemens de mensenrechten van enkele buitenlanders, in casu Mexicanen dus, hoger zou inschatten dan de Chinese volksgezondheid. En niet in het minst: gevaar voor onrust onder de Chinese bevolking, met alle mogelijke gevolgen dat zou kunnen hebben voor het communistische regime in Beijing. Ik neem aan dat de lezer daar verder geen tekening bij hoeft…

Waar ik wel paf van sta –nou ja, eigenlijk helemaal niet– is hoe de Westerse media alle sereniteit rond deze Chinees-Mexicaanse rel weten te bewaren. Stel je voor dat de EU op het hoogtepunt van de SARS- of vogelgrieppaniek van de ene dag op de andere zou beslist hebben alle Chinezen op haar grondgebied in quarantaine te plaatsen, de reeks analyses en commentaren om het ingebakken primair racisme bij de bange blanke Europeanen aan de kaak te stellen zou niet te overzien geweest zijn. Nu echter geen piep over enige vorm van racisme – Chinezen zijn immers niet blank, en waarschijnlijk daarom alleen al per definitie vrij van enige smet van de ultieme vorm van de moderne pest: racisme. Of het de Westerse media veel geloofwaardiger maakt voor wanneer ze nog eens de grote trom roeren over het opkomend racisme in Europa, is een andere zaak.

maandag, oktober 01, 2007

Linkse hypocrisie over Total en Burma

TotalMet haar oproep tot een boycot van Total laat Verenigd Weldenkend Links zich weer eens van haar meest hypocriete kant zien: Total investeert immers even goed in Iran, maar daar malen sp.a, SPIRIT en Groen! niet om, en dat communistisch China de junta in Burma de hand boven het hoofd houdt is ook al een detail dat hen blijkbaar volkomen ontgaan is. Het misbaar dat de partijen, die nog steeds sympathiseren met régimes zoals dat op Cuba, maken over de investeringen van Total in Burma heeft immers maar één echt doel: een lekker rondje zelfbevrediging tegen een multinational. En hadden ze nu nog een Amerikaanse in plaats van een Franse multinational gevonden was hun geluk waarschijnlijk compleet geweest.

Ga het maar nakijken op de webstek van de sp.a: Kurt de Loor die het opneemt voor de Cuban Five, maar nog nooit gehoord heeft van de journalisten die op Cuba achter de tralies zitten, en zelfs vindt dat de blokkade van Cuba door de VS zo snel mogelijk opgeheven moet worden omdat «het natuurlijk het Cubaanse is volk dat lijdt onder deze blokkade». Meer zelfs, de sp.a stuurde computers, autobussen en ziekenwagens naar Cuba, niet betaald uit eigen zak, maar uit die van alle Vlamingen. Probeer dat maar eens te rijmen met het hysterische gekrijs van de laatste dagen om Total te boycotten. Excuseer me dus even als ik kotsmisselijk word van het stukje slecht theater en smoelentrekkerij dat Els van Weert en Bruno Tobback opvoeren wanneer ze hun tankkaart voor een paar dagen links zullen laten liggen, want meer dan zich wat goedkoop profileren op de kap van een hoop Burmese lijken is dit dus echt niet.

Wat Total betreft hebben trouwens noch sp.a, noch SPIRIT, noch Groen! ooit ook maar één keer hun mond opengetrokken toen die Franse multinational zwaar investeerde in Iran, nochtans ook niet bepaald het meest democratische régime dat men zich kan voorstellen. Hier geldt waarschijnlijk eerder het adagio dat de vijand van mijn vijand mijn vriend is, en durf ik zelfs niet uit te sluiten dat wereldverbeterend links het diep van binnen zelfs een beetje tof vond van die Fransen dat ze één van de ergste vijanden van de VS een handje toestaken. Zo eenvoudig kunnen de zaken soms zijn.

En dat ondertussen de echte schurken niet in het hoofdkwartier van Total zitten maar wel in Beijing past misschien ook al niet goed in het plaatje dat links vandaag probeert te maken. Niet Total is bij machte om de junta in Burma te doen aftreden of op z'n minst van dodelijk geweld te laten afzien, maar communistisch China waarschijnlijk wel, of in ieder geval toch een pak beter. In Beijing bekommert men zich echter geen snars om een Burmees lijk meer of minder, als het allemaal maar het Chinese imago niet beschadigt in de aanloop naar de Olympische Spelen. Indien links dus niet alle krachten zou gebruiken om zo hard mogelijk te schreeuwen dat ze Total gaan boycotten, maar in de plaats daarvan China eens het vuur aan de schenen zou leggen, dan zou haar kritiek al iets geloofwaardiger overkomen. Probleem is natuurlijk dat wanneer het communistische régime in China ter sprake komt, links dat anders zo graag het hoogst op de barricades springt plots niet zo schreeuwerig meer wil zijn. De belangen van de Chinese bevolking, weet u wel, net zoals op Cuba.

Trouwens, over communisten gesproken, zou iemand eens het boekje van de junta in Burma willen opendoen? Waarom heb ik bijvoorbeeld in mijn krant nog niet het epitheton «rechts» zien opduiken voor de term «junta»? De Engelstalige Wikipedia licht een tip van de sluier op: de periode van 1962 tot 1988 in Burma wordt er omschreven als de «military socialist era» tijdens de welke de machthebbers streefden naar de «Burmese Weg naar het Socialisme». Na 1988 werd het socialisme officieel wel opgegeven, maar China blijft het régime dus wel de hand boven het hoofd houden en fundamenteel is er hoe dan ook niet erg veel veranderd: de economie is er volledig om zeep, wat trouwens de directe aanleiding is voor de protesten van de laatste dagen en weken. Misschien zou links daar eens diep over moeten nadenken, en er zich eens over kunnen bezinnen of hieruit lering zou kunnen getrokken in verband met, ik zeg maar wat, Venezuela. Of zou het kunnen dat links precies daarom zo hard van leer trekt tegen Total, zodat niet opvalt wat er in Burma werkelijk aan de hand is?

zondag, september 16, 2007

«Vlamingen zijn China weer beu»

ChinaDe Vlamingen zouden China weer beu zijn, wat moet blijken uit de terugloop van het aantal Vlamingen dat Chinees wil leren, en het feit dat het niet erg storm loopt voor de Olympische Spelen van volgend jaar. Maar hoeft dat eigenlijk te verbazen?Wie niet van gisteren is herinnert zich ongetwijfeld nog de Japan-gekte van tien jaar geleden, en die gekte verdween toen ook eens men met de voeten weer op de grond kwam en ontdekte dat Japan dan toch niet het land van melk en honing was, zeker niet na de enorme financiële crisis die het land doormaakte (en nog steeds doormaakt).

Wie het meemaakte herinnert het zich ongetwijfeld nog: ouders werd aangeraden hun kinderen alvast een mondje Japans te laten leren op school (of na school), en binnen afzienbare tijd zou de volledige Europese en Amerikaanse industrie overgenomen worden door Japanse bedrijven. Ik herinner me nog een cursus economie aan de universiteit die overliep van Japanse termen als kanban, kaizen en JIT (Just in time), en het hele zaakje kwam me behoorlijk tragisch over: de Japanse economie liep al een tijdje niet zo lekker meer, maar de echte ineenstorting moest er nog aankomen, en de betrokken professor had dat blijkbaar nog steeds niet in de gaten of zat nog in de ontkenningsfase, want het was duidelijk dat wat hem betrof alle wijsheid nog steeds uit het Verre Oosten kwam.

En na Japan was het dus de beurt aan China. Toen ik baron Paul Buysse hoorde verklaren dat het nu toch wel tijd was om massaal –of past het woordje collectief misschien net iets beter?– Chinees te beginnen leren, moest ik onmiddellijk terugdenken aan alle meelopers die tien jaar eerder hun oogappels geteisterd hadden met de Japanse taal nog voor ze hun eigen moedertaal deftig onder de knie hadden. De overvloed aan handelsmissies naar China, al dan niet met taaie kroonprins, moest niet onderdoen voor de reeks handelsmissies naar Japan een decennium eerder. Waarom China, een brutale dictatuur voor wie het zou vergeten zijn, plots onze toekomst geworden was heb ik nooit gesnapt, en wie Stratfor volgt weet dat ze ook daar niet kunnen vatten waarom die economische China-gekte van de laatste jaren nog steeds niet verdwenen is. Blijkbaar hebben sommige mensen nu eenmaal nood aan een Shangri-La waaraan ze zich blind kunnen staren, waar ze handelsmissies naartoe kunnen sturen en, vaak als enige tastbare bewijs tegenover vrienden en buren dat ze echt wel mee zijn met hun tijd, om hun kinderen shangrilees te doen leren.

Dat laatste werd verleden jaar nog perfect geïllustreerd door Patricia Ceysens en Gilbert van Baelen van toen nog VLD, die Chinees als keuzevak wilden invoeren in de middelbare school. Ze doen maar natuurlijk, maar het is wel zonde van de verspilde tijd, want met een uurtje Chinees per week kom je vijf jaar laten niet bepaald ver meer. In het beste geval herinner je je nog hoe je tot tien moet tellen, kan je misschien nog goeiedag en adieu zeggen en herken je van ver nog het teken door de heren- en damestoiletten in het occasionele Chinese restaurant dat je aandoet. In het slechtste geval werd kostbare tijd verspild die gebruikt kon worden om iets nuttigs te leren, zoals bijvoorbeeld wiskunde, Latijn, Frans of Duits, maar dat laatste is natuurlijk lang zo exotisch niet.

Dat Patricia Ceysens dapper meeloopt met de kudde hoeft niet te verbazen; ze kan van veel verdacht worden, maar niet dat er in haar een groot licht zou schuilgaan. Ook de twee professoren Nicolas Standaert en Bart Dessein zullen nog een tijdje nodig hebben om in te zien dat, hoewel Chinees misschien best wel een interessante taal is en er inderdaad nood is aan sinologen, daar ook niet overdreven in dient te worden en de kans groter is dat de interesse ook in het buitenland zal afnemen dan dat ze in Vlaanderen terug zou stijgen. Zij zijn natuurlijk wel betrokken partij en moeten voor hun eigen winkel spreken, dat is begrijpelijk. Maar zullen wij anderen deze keer onze les geleerd hebben en ermee ophouden onze kinderen vreemde talen aan te leren waar ze uiteindelijk weinig of niets mee opschieten? Ik geloof het niet. Meer zelfs: een nieuw Shangri-La doemt al op aan de horizon: India. Het is slechts wachten op een opvolger van Paul Buysse, als hij het zelf niet wil doen, om een nieuwe oproep te lanceren om deze keer om Hindi te leren, en we hebben het zaakje weer aan de gang. En als het dat niet is, zal het wel iets anders zijn. En wie weet, misschien pleit Patricia Ceysens vroeg of laat wel voor Zoeloe of Xhosa als keuzevak in de middelbare school?

En dan moet ik nu nog mijn huiswerk Russisch afmaken…