Posts tonen met het label Reynders | Didier. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Reynders | Didier. Alle posts tonen

zondag, augustus 17, 2014

Euforie bij Open Vld nog steeds misplaatst

Op 16 juli schreven we dat de huidige euforie bij de Open Vld misplaatst was. De verkiezingsuitslag was immers slechter dan de Open Vld-top doet voorkomen, en bovendien wenkte het zwarte gat als de één-en-ondeelbaar-strategie van partijvoorzitster Gwendolyn Rutten zou mislukken. Sindsdien is er echter veel veranderd: de Open Vld is in de Vlaamse regering binnengebroken, en federaal werden Kris Peeters en Charles Michel aangesteld om een Zweedse coalitie te vormen. Mét Open Vld. De euforie bij de Open Vld werd er niet minder om. Terecht of onterecht?

Dezelfde dag nog dat bekend raakte dat de Open Vld in de Vlaamse regering was binnengebroken, noemde Vincent van Quickenborne Gwendolyn Rutten een «mirakelvoorzitter». Het nieuws van de inbraak in de Vlaamse regering kwam voor de meesten dan ook als een donderslag bij heldere hemel, en ook wij hadden het niet zien aankomen. Voornaamste reden hiervoor was dat we de plooibaarheid van de CD&V nog maar eens onderschat hadden. Te onzer verdediging: die plooibaarheid valt nu eenmaal niet te overschatten. Blijkbaar staat het ARCO-water al zo hoog aan de ACW-, pardon, beweging.net-lippen, dat eender wat kan als de CD&V maar zo snel mogelijk opnieuw de federale minister van Financiën mag leveren. Hou dat in het achterhoofd voor later, want we komen er nog op terug.

Laag soortelijk gewicht

De vaststelling dat de Open Vld slecht scoorde bij de verkiezingen van 25 mei blijft natuurlijk onveranderd staan. De twee peilingsresultaten die sindsdien gepubliceerd werden veranderen daar trouwens niets aan. We hebben voorlopig nog wel zo onze bedenkingen bij de betrouwbaarheid van de peilingen die Het Laatste Nieuws laat uitvoeren door AQ Rate. Zo sprong de N-VA van 25 mei naar 28 juni zes procentpunten omhoog, om vervolgens op 26 juli opnieuw zes procentpunten te zakken, en dus weer uit te komen op de oorspronkelijke verkiezingsuitslag. De Open Vld deed echter de omgekeerde beweging, zij het minder uitgesproken. Op 28 juni zakte de Open Vld met twee procentpunten naar 13,8% van de Vlaamse stemmen, om op 26 juli terug te stijgen naar 15,4%. Met een foutenmarge van maar liefst 3,3% betekent dit eigenlijk weinig of niets, maar van een miraculeuze sprong vooruit qua aanhang is voorlopig dus nog geen sprake.

Bovendien toont de vaudeville rond de twee postjes in de Vlaamse regering aan dat het niet alleen kwantitatief maar ook kwalitatief niet helemaal snor zit met het soortelijk gewicht van de Open Vld. Voor Annemie Turtelboom werd een mooie exit uit de federale regering gevonden, maar wat een klucht was dat om ook een Brusselse minister te vinden? Dat uiteindelijk iemand uit de politieke dood opgewekt diende te worden is pijnlijk, maar bovendien ook duur voor een partij die eigenlijk te klein is geworden om nog veel postjes te kunnen claimen.

Poppetjes

In een Zweedse coalitie raakt Open Vld naast N-VA en CD&V bij een normale verdeling van de postjes niet verder meer dan een vicepremier en een minister, plus heel eventueel een staatssecretaris of Senaatsvoorzitter. Met drie ministeriabelen (Annemie Turtelboom, Alexander de Croo en Maggie de Block) zat de Open Vld dus met één poppetje te veel voor slechts twee postjes. Door haar populariteit is Maggie de Block vandaag immers te groot geworden om in de volgende regering «maar» staatssecretaris te spelen, en dat werd nu handig opgelost door de overplaatsing van Annemie Turtelboom naar de Vlaamse regering.

Maar aangezien er aan deze federale formatie niets meer normaal is, kan niet uitgesloten worden dat er voor de Open Vld toch wat extra inzit. Zo is er bijvoorbeeld nog die Europese Commissaris die eigenlijk zo snel mogelijk benoemd dient worden. Aan welke partij komt dat postje toe? Iedereen heeft zijn kandidaat klaar: bij CD&V Marianne Thyssen, bij Open Vld Karel de Gucht, bij MR Didier Reynders, en bij N-VA vermoedelijk Johan van Overtveldt. Aangezien de andere postjes nog niet verdeeld zijn, dient hierover een onderhandelde en berekende gok genomen te worden.

Met Kris Peeters in pole position om premier te worden zijn de kansen klein dat de CD&V ook nog een Europees Commissaris zal kunnen binnenhalen. Die partij wordt dan wel heel rijkelijk bedeeld in de federale regering, zeker vergeleken met de bijna twee keer zo grote N-VA die dan met minder tevreden zou moeten zijn, maar ook vergeleken met de bijna even grote Open Vld die dan met de helft tevreden zou moeten zijn. Voeg daarbij de zwakke onderhandelingspositie van de CD&V (Kris Peeters is al uit de Vlaamse regering vertrokken, en het hierboven reeds vermelde ARCO-probleem), en het is duidelijk dat Marianne Thyssen zich best niet teveel illusies meer maakt over haar kansen om in de volgende Europese Commissie te mogen zetelen.

Karel de Gucht dan toch opnieuw Europees Commissaris?

En dus komt Karel de Gucht toch weer in beeld om zichzelf op te volgen als Europees Commissaris. Zeker, de post aan de MR geven is ook een optie en lost het personeelsprobleem rond Didier Reynders op. Maar naast zeven ministers ook nog eens de Europese Commissaris mogen leveren is toch wat veel voor een partij die in de Kamer uiteindelijk toch ook maar amper iets groter is dan de CD&V.

En Johan van Overtveldt als Europees Commissaris? Dat zou zeker een voordeel zijn in het licht van de komende Schotse en Catalaanse referenda, en bovendien de meest logische verdeling qua postjes. Maar wat dan als de Zweedse coalitie dan toch niet doorgaat? Stel je voor, een regering–Di Rupo II (of wat het ook wordt als de tripartite weer in beeld komt) met Johan van Overtveldt als Europees Commissaris, dat risico zullen noch CD&V noch Open Vld noch MR willen lopen.

Gehakketak

Het ziet er op dit moment dus een pak beter uit voor de Open Vld dan enkele weken geleden. Maar is euforie daarover dan gepast? Partijvoorzitter Gwendolyn Rutten kan haar vel vooral dankzij de zwakke positie van de CD&V redden, maar dan nog vergt dat natuurlijk enig tactisch inzicht en goed getimed gemanœuvreer. (Zelf zou zij dat bij haar tegenstanders met afschuw op het gezicht «gehakketak» noemen.) Mirakels hebben we voorlopig echter nog niet gezien. Zelfs de politieke heropstanding van Sven Gatz kan immers bezwaarlijk een wonder genoemd worden als je weet hoeveel een ministerpostje in de Vlaamse regering trekt.

Dit artikel verscheen op 6 augustus 2014 in 't Pallieterke.

donderdag, oktober 03, 2013

Aan wie de 16?

Rik van Cauwelaert noemde het in De Tijd «politieke gezelschapsspelletjes»: met nog meer dan negen maanden te gaan tot de verkiezingen schrijven de journalisten zich krom over wie kandidaat is om Elio di Rupo op te volgen. Waarna hij zelf het gerucht lanceert dat zowel Elio di Rupo als Paul Magnette zouden azen op… een Europees commissariaat!

Regering–De Wever-Reynders

Het scenario duikt af en toe op, en het klinkt goed, zo'n herstelregering–De Wever-Reynders als tegenbeeld van een regering–Di Rupo II. Maar welke partijen zouden aan zo'n regering kunnen deelnemen? N-VA en MR om te beginnen natuurlijk, en in het zog van de MR ook de Open Vld. Maar wie regeert er dan nog mee? De CD&V en cdH? Dat wordt aan Vlaamse zijde dan een zogenaamde Antwerpse coalitie, maar aan Franstalige zijde vooral een minderheidscoalitie. Benieuwd of de Franstaligen volgend jaar al even principeloos zullen willen zijn als de Vlamingen in 2011. Met een centrum-rechtse overwegend Vlaamse federale regering, en als reactie daarop misschien wel een links-linkse Waalse regering van PS en Ecolo staan we dan misschien wel voor zeer interessante tijden in het zuiden van het land.

Persoonlijk houden we het dus op een voortzetting van de huidige regering. Grootste argument voor zo'n scenario is dat alle ervaring leert dat Vlaamse politici veel gemakkelijker buigen dan Franstalige. Enige mogelijke spelbreker voor dit scenario: de Vlaamse kiezer, als die de N-VA en het Vlaams Belang in het Vlaams Parlement zo groot maakt dat een Vlaamse afspiegelingsregering zonder N-VA niet meer mogelijk is.

V-meerderheid

Maar wat dan nog? Ons vermoeden: dan verandert er op federaal vlak niets, en krijgen we op Vlaams niveau een Antwerpse coalitie. Als je ziet hoe de federale begroting vandaag mismeesterd wordt, zou je gaan vermoeden dat men zelfs doelbewust aanstuurt op een economisch rampenscenario, waarbij er na 26 mei 2014 in alle haast een federale regering gevormd zal móeten worden omwille van de «financiële markten». Met andere woorden, een voortzetting van de huidige regering–Di Rupo, omdat er geen tijd zal zijn om te neuten over confederalisme. En al zeker niet als de Rode Duivels op hetzelfde ogenblik wereldkampioen spelen in Brazilië.

Wouter Beke zal de N-VA dan met plezier voor de keuze plaatsen: Vlaanderen maandenlang in een bestuurlijke chaos storten terwijl de CD&V in de federale regering haar «verantwoordelijkheid opneemt», of braafjes met hen (eventueel aangevuld met de Open Vld) een Vlaamse regering vormen en de kracht van verandering uitstellen tot 2019. Zolang de N-VA bij voorbaat revolutionaire toestanden afzweert heeft Wouter Beke geen reden om met de N-VA veel rekening te houden bij de vorming van een federale regering.

IJdeltuit Di Rupo

In ons lijstje staat Elio di Rupo dan ook nog steeds met stip op nummer één om zichzelf op te volgen na 25 mei 2014. En zoals de zaken er op dit ogenblik voorstaan –rebus sic stantibus, zou Bart de Wever zeggen– zal dat zelfs nadrukkelijk zonder de N-VA moeten zijn. Sedert 13 mei 2010 is er, buiten de provincieraadsverkiezingen, nog geen enkele peiling verschenen die de N-VA onder de dertig procent plaatst. Zelfs die dertig procent zou nog een winst van 1,8% zijn tegenover de laatste federale verkiezingen, en dus mogen we er gerust van uitgaan dat de N-VA na de volgende verkiezingen in de federale Kamer nog groter zal zijn dan ze nu al is. Bij de PS is het dan weer van eind 2011 geleden dat de partij nog gepeild werd op een niveau dat vergelijkbaar is met de laatste federale verkiezingsuitslag, want sindsdien staat de partij op verlies. Conclusie: in de volgende federale Kamer zal de N-VA niet alleen groter dan de PS zijn, ze zal afgetekend groter dan de PS zijn.

Je ziet dan ook van hier dat Elio di Rupo premier zal willen spelen in een regering waarin de N-VA een kop groter is dan zijn eigen PS. Wie denkt dat dit betekent dat de N-VA dan de premier zal moeten leveren is echter van een goed jaar. Koning Philippe die de eed afneemt van eerste minister Bart de Wever? Neen, de enige mogelijke oplossing is dat de N-VA opnieuw uit de federale regering gehouden wordt. Onze kakelverse koning-met-een-missie zal over zo'n hyperdemocratisch manœuvre zeker geen problemen maken.

Drama queen zkt camara's

Dat Elio di Rupo zou azen op een Europees commissariaat lijkt ons dan ook een lachertje. Hoe vaak komt zo'n Europees Commissaris in de pers? Alleen als hij blundert, of als hij als zwarte piet kan dienen in één of ander nationaal debat. Zelfs de «hoge vertegenwoordiger» voor buitenlandse zaken en veiligheid Catherine Ashton –wie kent haar?– komt amper in het nieuws. Karel de Gucht zou zich trouwens met geen Menense pictogrammen bezighouden als hij daar in de Europese Commissie niet totaal zat te verwelken (of de vloer aangeveegd werd door Chinezen).

Nog eentje: als de uitslag van de PS tegenvalt, en Waals klein-links enkele zetels haalt, zou Elio di Rupo liever naar de oppositie trekken om zijn partij te laten herbronnen. Alsof dat enige garantie zou geven dat hij er in 2019 dan wel bij zal zijn. Detail: in 2019 wordt hij trouwens 68 jaar.

Neen, ze gaan een heel straf postje moeten uitvinden om Elio di Rupo vrijwillig uit «de 16» weg te krijgen. En na de passage van Herman van Rompuy als Europees «president» is het eerder twijfelachtig of er in 2014 veel vette postjes voor Belgen beschikbaar zullen zijn.

Bart de Wever

Hij mag zeggen wat hij wil, maar Bart de Wever is op dit ogenblik de enige natuurlijke kandidaat-premier van de N-VA. Elke andere N-VA-kopman of -vrouw is slechts tweede keus. En we zijn het niet persoonlijk gaan rondvragen onder de N-VA-leden, maar we hebben een sterk vermoeden dat ze er zo ongeveer allemaal hetzelfde over denken, op twee na. De ene zit in Antwerpen, en zegt dat hij niet beschikbaar is. De andere zit in Gent, en dacht dat hij eind augustus zijn federaal regeringsakkoord al uit de doeken mocht doen in een interview met De Standaard. Dat laatste was, zoals ondertussen bekend, «voor zijn beurt gesproken».

Bart de Wever zit natuurlijk wel met hetzelfde probleem waar Jannie Haek mee geplaagd zat: zoals die laatste zijn opzegpremie thuis niet uitgelegd kreeg, zo krijgt Bart de Wever een federaal premierschap thuis niet uitgelegd. Net zoals het ook niet snor zit met het confederalisme van de N-VA. Ironisch, dat op dit ogenblik net het communautaire het zwakke punt is van wat ooit als een communautaire one-issue-partij vertrokken is…

Didier Reynders

Didier Reynders zou natuurlijk maar wat graag eerste minister van België worden. Maar iets zegt ons dat de man intelligent genoeg is om te weten dat dat weinig waarschijnlijk is, tenzij zich één of andere bijzonder opportuniteit zou voordoen. Enerzijds maakt hij geen kans mét de PS in de federale regering, en anderzijds maakt een federale regering zonder PS geen of weinig kans. Maar je weet natuurlijk nooit. In 2010 zag het er immers lang naar uit dat de MR en de Open Vld zelfs de regeringsbanken niet zouden halen.

Kris Peeters of Wouter Beke

Kris Peeters die liever niet premier zou willen worden, het klinkt een beetje als een Yves Leterme die de huwelijkstrouw predikt. Weinig geloofwaardig dus. Al was het maar omwille van de dure eden die ook die laatste zwoer toen híj Vlaamse minister-president was. Het scenario, waarbij Kris Peeters Wouter Beke federaal zou laten voorgaan, is zo mogelijk nog gekker. Welke paddenstoelen moet je al gegeten hebben om in alle ernst te kunnen beweren dat een CD&V'er geen Belgisch postje zou ambiëren, of woord zal houden?

Er zijn echter twee dingen die ervoor zorgen dat CD&V vandaag geen openlijke kandidaat naar voren schuift. Ten eerste: het is een gemakkelijke manier om het zwakke punt van de N-VA in de schijnwerpers te plaatsen. En ten tweede: het pijnlijke besef dat Kris Peeters niet alleen geen kandidaat van rang 1 is, maar ook niet van rang 2 (Didier Reynders of Bart de Wever), doch slechts rang 3. Zeg maar de categorie waar ook Johan vande Lanotte en Alexander de Croo spelen dus. Pijnlijk, voor een partij die ooit volstrekte meerderheden haalde in Vlaanderen.

Dit artikel verscheen op 18 september 2013 in 't Pallieterke.

zondag, mei 08, 2011

Waarom de leeuw geen vuist kan maken

De onderhandelingen slepen al bijna elf maanden aan. Dat het al zo lang duurt, en dat het nog een tijdje kan blijven voortduren, is het gevolg van twee factoren: de Franstaligen hebben er geen belang bij dat er snel een nieuwe federale regering wordt gevormd, en de Vlamingen slagen er niet in een vuist te maken om toch snel een nieuwe federale regering af te dwingen. De onmacht van Bart de Wever om zijn allernieuwst eis – de snelle benoeming van een formateur – af te dwingen, illustreert dit perfect.

Voor de lezer hoeft er waarschijnlijk geen tekeningetje bij: zolang de CD&V de N-VA niet durft los te laten, en zolang de N-VA niet in een federale regering durft te stappen zonder een fikse staatshervorming of met alleen maar een loze belofte daarover, hebben de Franstaligen er absoluut geen belang bij dat de federale regeringsonderhandelingen vooruitgang boeken. Waarom zouden de Franstaligen immers vrijwillig meewerken aan een inperking van de immense geldstromen van Noord naar Zuid, of dwarsbomen leggen voor hun territoriale eisen in Vlaams-Brabant, als daar toch geen ergere dreiging tegenover staat? Per slot van rekening is er ook geen enkele kalkoen in geïnteresseerd Kerstmis van 25 december naar 25 november te verplaatsen, tenzij anders de onmiddellijke hakbijl dreigt. En die onmiddellijke hakbijl, het is precies daar dat het probleem aan Vlaamse kant ligt.

Wanneer de Franstalige partijen nog eens gezamenlijk overleg plegen – gewoonlijk vooraf luid aangekondigd in de pers en vervolgens uiteraard van veel theater voorzien – komen zij versterkt uit die oefening terug. Hun geheim? Wanneer zij overleg plegen, tellen zij hun eisen bij mekaar op: zowel een uitbreiding van Brussel als een versterking van het gewest met gemeenschapsbevoegdheden en uiteraard ook extra financiële middelen, als een versterking van het federale niveau en ondertussen zeker geen afname van de geldstromen naar Wallonië, plus nog eens een afbouw van de Vlaamse bevoegdheden in Vlaams-Brabant. Soms zijn hun eisen zelfs onderling in tegenspraak, maar dat maakt natuurlijk niets uit zolang het eigenlijk doel alleen maar een volgehouden stilstand is. Men zou zelfs cynisch kunnen opmerken dat onderling tegenstrijdige eisen dan alleen maar een voordeel zijn, want zo kan er altijd wel iets gevonden worden dat imbuvable is voor de Franstaligen.

Hoe ziet dezelfde oefening er aan Vlaamse kant uit? Om te beginnen: die oefening wordt vrijwel nooit gemaakt. En als er dan toch eens een zeldzame keer wat overleg plaats vindt, proberen de Vlaamse partijen onderling uit te blinken door mekaars eisen van mekaar af te trekken, in plaats van ze net zoals de Franstaligen bij mekaar op te tellen. Daar komt dan nog bij dat de meest radicale Vlaamse partij, het Vlaams Belang, op voorhand al uitgesloten wordt van het overleg, omdat die partij ondemocratisch zou zijn. De meest radicale Belgische partij, Groen!, weigert dan weer zelf mee te doen. Dankzij niet weinig mediahulp slaagt die partij er dan bovendien nog eens in het akkoord te ondermijnen door de sp.a een zekere afstand van het akkoord te doen nemen, want de leiding van de sp.a wordt niet graag overklast in belgicisme door haar ergste concurrent.

Dit alles betekent dat Bart de Wever en de N-VA gelijk hebben wanneer zij geen gezamenlijk Vlaams overleg wensen. De geschiedenis leert immers dat zij daar, in tegenstelling tot de Franstaligen, alleen maar verzwakt van kunnen terugkomen. Veel geloofwaardige dreigementen kan Bart de Wever daarom niet maken tegenover de Franstaligen, en die gedragen er zich dan natuurlijk ook naar. Maar met hoeveel dreigementen kan Bart de Wever eigenlijk uitpakken? Het zijn er bitter weinig, en met sommige ervan wíl hij zelfs nog niet eens uitpakken.

Ten eerste kan Bart de Wever er natuurlijk mee dreigen dat hij de federale onderhandelingstafel zou verlaten. Voor de Franstaligen klinkt dit echter eerder als een beloning of zelfs een belofte dan een dreigement, omdat zij vermoeden dat de CD&V de N-VA uiteindelijk niet zal volgen. En dat daarmee de weg vrij zal liggen voor een federale regering zonder staatshervorming, of een die zeer voordelig voor de Franstaligen zou zijn. Zeker, de CD&V zegt al lang dat zij geen federale regering zonder N-VA wil, maar dat geldt alleen voor zover de N-VA niet zelf uit de aan de gang zijnde regeringsonderhandelingen stapt.

Ten tweede zou Bart de Wever er mee kunnen dreigen de instellingen van dit land zoveel mogelijk lam te leggen zolang er geen volwaardige federale regering gevormd is. Probleem is echter dat hij die kaart zelf niet ten volle durft te trekken – Vlamingen zijn daar veel te beleefd (of is het laf?) voor – en bovendien af te rekenen heeft met allerlei vormen van sabotage. Eén van de mooiste bewijzen daarvan werd gisteren nog geleverd, toen eerste minister Yves Leterme via Twitter zijn tevredenheid liet blijken over het bericht dat Standard & Poor's dan toch haar kredietrating van België niet zou verlagen. Deze vleesgeworden rancune uit Ieper heeft immers de laatste maanden zowat het vuur uit zijn sloffen gelopen om één van de weinige geloofwaardige drukkingsmiddelen waarover de Vlamingen beschikten zo snel en zo efficiënt mogelijk te neutraliseren. Gisteren kwam dan een maand vroeger dan verwacht het verlossende bericht dat een verlaging van die kredietrating, die België handenvol geld zou gekost hebben, er toch niet komt, en Yves Leterme was er dan ook – vanuit de Verenigde Staten! – als de kippen bij om zichzelf eens een duchtige beurt met het wierookvat te geven.

Wat zou het Franstalige equivalent van Yves Letermes gedrag eigenlijk zijn? Misschien een Laurette Onkelinx, die uit persoonlijke rancune tegenover Didier Reynders van sociale zaken zo'n acute puinhoop zou maken dat er toch snel een nieuwe federale regering zou gevormd moeten worden, ondanks het getalm van haar voorzitter Elio di Rupo. De manier waarop Yves Leterme zijn eigen, en alleen zijn eigen gang gaat, ten koste van zijn partij en tegen de belangen van Vlaanderen in, kan niet anders dan een nieuw moreel dieptepunt in de recente geschiedenis van het land genoemd worden. N-VA-voorzitter Bart de Wever staat er echter machteloos tegenover. Bovendien valt te vrezen dat Wouter Beke, na het neerleggen van zijn koninklijke bemiddelingsopdracht, feitelijk geneutraliseerd zal zijn aan de top van de CD&V, en Yves Leterme er samen met zijn ACW-kameraad Steven Vanackere Kris Peeters in de minderheid zal kunnen stellen.

Ten derde en ten slotte zou Bart de Wever er natuurlijk ook mee kunnen dreigen de Belgische constructie niet alleen lam te leggen, maar zelfs volledig op te blazen. Een eerste probleem is daarbij dat hij partijen als de CD&V en de Open Vld niet eens meekrijgt om federaal België lam te leggen, laat staan dat ze hem zouden willen volgen om die constructie op te blazen. Erger is echter dat hij ook zelf niet helemaal bereid lijkt te zijn om deze kaart te trekken, in tegenstelling tot bijvoorbeeld Vlaams Belang, of… de PS. Het verklaart meteen ook waarom koning Albert II het aandurft de N-VA regelmatig voor het lapje te houden, waar hij er zich wel voor zou hoeden hetzelfde met de PS te doen. De klacht van Liesbeth Homans dat «de N-VA te weinig kansen heeft gekregen» houdt dan ook geen steek: een politieke partij die zichzelf een beetje respecteert hoeft geen kansen te krijgen, maar neemt die zélf, koning of geen koning.

Conclusie van dit alles? Renaat Landuyt had deze voormiddag in De Zevende Dag op een manier gelijk toen hij het merkwaardig vond dat een republikeinse partij als de N-VA op kansen van de koning zit te wachten. Het heeft natuurlijk geen zin om op een republikeinse manier aan regeringsvorming te willen doen als de rest van de gesprekspartners toch enkel rekening wenst te houden met koninklijke opdrachten, maar de N-VA zou in Laken rustig wat harder op de tafel mogen slaan. En sire bijvoorbeeld al eens meedelen dat hij met republikeins vuur speelt als hij met de N-VA blijft sollen in plaats die partij eindelijk eens met het nodige respect te behandelen. Wedden dat het de huidige federale regeringsonderhandeling snel een versnelling hoger zou doen schieten?

maandag, februari 21, 2011

Blauw mistgordijn

De kans dat informateur Didier Reynders in zijn opdracht slaagt, is vrijwel nihil. Dat betekent echter niet dat zijn opdracht maar schijn zou zijn, om te bewijzen dat de liberalen het ook niet zouden kunnen. Zijn opdracht lijkt immers in de eerste plaats een mistgordijn te zijn, dat het échte spel moet verbergen. En dat échte spel, dat speelt zich af in de Wetstraat 16.

Naar verluidt zou zelfs Didier Reynders ondertussen al ingezien hebben dat hij eigenlijk geen kans maakt om zijn informatieopdracht tot een goed einde te brengen. Inderdaad, PS-voorzitter Elio di Rupo bestrijdt waarschijnlijk nog liever zelf de twee pijlers waarop zijn partij in Wallonië rust – de corruptie en de werkloosheid – dan Didier Reynders de eer te gunnen te mogen slagen waar hij zelf zo pijnlijk mislukte. Dat betekent echter niet dat er voor Didier Reynders niets uit de brand te slepen valt. Misschien slaagt hij er wel in de N-VA eraf te rijden, zonder dat ook de CD&V afvalt? In dat geval zou het kunnen dat Elio di Rupo hem een derde ambtstermijn als minister van Financiën zou willen gunnen, als ook MR-voorzitter Charles Michel mee wil. Was ik Didier Reynders, dan zou ik eerder daar mijn energie insteken, in plaats van de sp.a of de groenen op de zenuwen te werken.

Als de informatieopdracht van Didier Reynders slechts een mistgordijn is, waar speelt zich dan het échte spel af, dat dat mistgordijn moet proberen te verbergen? Het antwoord is de Wetstraat 16 natuurlijk, waar een ontslagnemende eerste minister zit die de tijd van zijn leven beleeft. Kreeg Yves Leterme niet, nog voor Didier Reynders zijn informatieopdracht kreeg, ook een opdracht toegespeeld van koning Albert II? Hem werd inderdaad gevraagd een begroting voor 2011 op te stellen, en bovendien maatregelen te nemen om te beantwoorden aan alle eisen van de Europese Unie wat betreft het begrotingsbeleid en de structurele hervormingen. Een waar kolfje naar zijn hand dus. Enkele dagen later kwam daar nog eens het Interprofessioneel Akkoord (IPA) bovenop, om over zijn «ruzie» met Angela Merkel over het indexeringsmechanisme nog maar te zwijgen.

Had Yves Leterme zijn eigen droomjob mogen schetsen, hij had het waarschijnlijk nooit beter kunnen doen dan de job die hij nu heeft. Stel je voor zeg, al die cijfertjes bij mekaar optellen, en daarna op TV of internationaal de grote jan mogen uithangen, terwijl hij in het Parlement lastige vragen altijd kan pareren met een zwijgen «in het belang van het land en de bevolking». Ondertussen dient hij zijn ware heren, niet zijn kiezers of zijn eigen partij, maar wel de PS, in de hoop dat hij er straks nog enkele jaartjes bij zou mogen doen. Of zou het echt toeval geweest zijn dat hij in verband met het IPA tegen zijn eigen partij en een meerderheid in de Kamer in aan het onderhandelen sloeg met de PS, zogezegd omdat er binnen de federale regering toch eensgezindheid moest zijn? In een ontslagnemende regering is dat nergens voor nodig, tenzij er andere belangen op het spel staan natuurlijk.

Aan de geruchten over een samenwerking tussen Yves Leterme en Elio di Rupo hecht ik ondertussen weinig geloof. Zo'n samenwerking achter de schermen valt natuurlijk niet uit te sluiten, maar lijkt me toch onwaarschijnlijk. En bovendien, van de kant van Elio di Rupo bekeken totaal onnodig. Yves Leterme heeft hij immers al lang in zijn zak – waarom zou hij dan met hem moeten samenwerking? Bovendien valt zo'n samenwerking niet helemaal consistent te noemen met de uitvallen van Elio di Rupo naar de CD&V, al kan de samenwerking natuurlijk van recentere datum zijn. Maar dan nog blijft het merkwaardig dat bijvoorbeeld ook Laurette Onkelinx zich onlangs nog liet opmerken met een bitsige aanval op de CD&V. Of zou de samenwerking zo geheim zijn dat ze achter haar rug om zou gebeuren?

Wat er ook van zij, de informatie-opdracht van Didier Reynders heeft voor de PS vooral één functie: de tijd verder laten werken, tot de CD&V bereid is de N-VA te laten vallen. Tegelijkertijd kreeg Yves Leterme van de PS een extra injectie van zijn favoriete drug toegediend: macht. Of misschien correcter, en nog gevaarlijker: schijn van macht. De signalen die de PS ondertussen teruggestuurd krijgt van de CD&V geven in ieder geval aan dat deze tactiek op termijn misschien dan toch zijn vruchten zou kunnen afwerpen. Was daar niet Yves Leterme, die al eens liet verstaan verkiezingen «tegen elke prijs» te willen vermijden? Ik hoef daar voor de lezer waarschijnlijk verder geen cynische opmerking bij te maken. Maar belangrijker was het nieuwe signaal van CD&V-voorzitter Wouter Beke, dat ondertussen al gretig opgepikt werd door Rik Torfs: de CD&V stapt niet zonder de N-VA in een nieuwe federale regering, tenzij de N-VA zelf niet meer zou willen. En daarmee werd de onvoorwaardelijke onverzettelijkheid van de CD&V meteen omgebogen in een voorwaardelijke onverzettelijkheid. Als N-VA-voorzitter Bart de Wever morgen het verlossende woord laat vallen, zal de CD&V de handen vrij hebben om toch in een federale regering te stappen zonder de N-VA. En desnoods – liefst? – ook zonder staatshervorming. De CD&V-bocht is dus ingezet.

En er zal nog bochtenwerk aan te pas komen. Misschien hoopt men nu binnen de CD&V wel in stilte dat de N-VA er eerder vroeg dan laat er toch zelf zou uittrekken, maar ik acht die kans eerder klein. De N-VA definieert zich immers als partij in functie van haar grootste concurrent, het Vlaams Belang, met als groot verschil dat de N-VA in tegenstelling tot het Vlaams Belang wél bereid is compromissen te sluiten en deel te nemen aan de macht. Het is niet meer of niet minder dan de bestaansreden van de N-VA. Sommige waarnemers verbazen er zich al maanden over dat de N-VA de onderhandelingstafel niet wil verlaten, en verklaren dat als een angst om de zwart piet toegespeeld te krijgen, maar het probleem van de N-VA is dus groter dan dat. Als de partij de federale regeringsonderhandelingen verlaat, toont zij immers impliciet aan dat niet zij, maar wel het Vlaams Belang al de hele tijd gelijk heeft gehad over de Belgische constructie. Federaal in de oppositie belanden is voor de N-VA op zich geen probleem, als zij aan haar kiezers maar kan vertellen dat zij in die oppositie geduwd werd, en er niet zelf voor gekozen heeft. Het verlossende woord van Bart de Wever voor de CD&V (en sp.a, Groen! en Open Vld) zal daarom ongetwijfeld nog enige tijd op zich laten wachten.

Zijn de Franstaligen gefrustreerd over de houding van de CD&V, die de N-VA maar niet wil laten vallen, dan is men bij de CD&V weer gefrustreerd over de houding van de N-VA, die de onderhandelingstafel maar niet uit eigen beweging wil verlaten. De scherpe uitval van Rik Torfs aan het adres van Bart de Wever moet wellicht ook in dat licht gezien worden, en niet alleen in dat van de recente peiling die de CD&V naar een historisch dieptepunt zond.

Welke mogelijkheden heeft de CD&V dan nog om alsnog een regering-Leterme III op de benen te brengen? Áls Bart de Wever bereid is de onderhandelingstafel zelf te verlaten, heeft de CD&V meteen de handen vrij, en kan ze bovendien de staatshervorming zonder veel problemen in één of andere werkgroep stoppen. Als Bart de Wever niet zo vriendelijk wil zijn voor de CD&V, vermoed ik dat de CD&V op een gegeven ogenblik zal willen vaststellen dat de N-VA de facto niet meer in een federale regering wil stappen, ook al zegt die partij iets anders. Dat de CD&V, naar het schijnt met de C van christelijk, niet te beroerd is om platte leugens te gebruiken, weten we reeds langer. De regering-Leterme II had volgens haar wel degelijk een meerderheid aan Vlaamse zijde, omdat haar regeerakkoord ooit mee goedgekeurd werd door de N-VA. En als die regering misschien dan toch geen meerderheid aan Vlaamse zijde had, en de N-VA daar problemen rond maakte, dan lag de schuld daarvoor natuurlijk volledig bij de N-VA zelf, die de regering-Leterme II dan maar moest steunen. Met nu bovendien ook Rik Torfs in huis, kan het voor de CD&V dan toch geen probleem zijn op een bepaald ogenblik vaststellingen te doen, die weliswaar kant noch wal raken, maar die haar wel toelaten om eindelijk weer de benoemingsmachines in gang te zetten. Zou bijvoorbeeld Steven Vanackere die klus niet kunnen klaren in een informatieopdracht, zodat Yves Leterme eindelijk aan zijn formatieopdracht zou kunnen beginnen? Laat de boel ondertussen rustig nog een paar weekjes sudderen, misschien is er dan wel iets mogelijk…

zondag, januari 09, 2011

Sp.a grootste bedreiging voor Vlaamse belangen

Niet de PS van Elio di Rupo, noch de cdH van Joëlle Milquet of de MR van Didier Reynders en Olivier Maingain vormen het grootste gevaar voor de Vlaamse belangen. Zij wenden immers niet voor het beste voor te hebben met Vlaanderen en haar bevolking, en niemand die het hoe dan ook zou willen geloven. Anders is het met sp.a en de splinterpartij Groen!, die dat wel proberen voor te wenden, en daarvoor in de overwegend rood-groene media geen tegenwind krijgen. Integendeel zelfs. Of de schade die zij aanrichten uitsluitend te wijden is aan incompetentie, dan wel oneerlijke bedoelingen, is een open vraag.

Telkens ik sp.a-voorzitster Caroline Gennez haar uitleg zie doen over de aan de gang zijnde – of op sterven na dood zijnde – federale regeringsonderhandelingen, slaat de schrik me om het hart. Heeft zij werkelijk geen verstand van zelfs maar de meest essentiële communautaire problemen, of stuurt zij doelbewust aan op een catastrofe voor Vlaanderen? Dat echter zij, samen met Groen!-voorzitter Wouter van Besien, mee aan de onderhandelingstafel zit, en dat de twee daar samen maar liefst de helft van de Vlaamse delegatie uitmaken – in aantal, niet in grootte van de achterban – is absoluut geen goed nieuws voor ieder die het goed voorheeft met Vlaanderen.

Misschien nog het meest storende element daarbij is dat dit duo zijn onzin in de media kan spuien zonder ook maar de minste tegenwind, kritische vraag of opmerking. Meer zelfs, hún mening wordt voorgesteld als de redelijke mainstream, ook al vertegenwoordigen zij samen nog niet eens twintig procent van de Vlaamse kiezers. Durft iemand echter een kritische opmerking te maken over de inhoud van de nota–Vande Lanotte, dan wordt hij of zij prompt door de journalist van dienst in het CD&V- en N-VA-verdomhoekje geplaatst. En hoewel N-VA alleen al bij de laatste verkiezingen meer stemmen wist te verzamelen dan sp.a en Groen! samen, wordt die partij nog steeds voorgesteld als die van de extremistische hard-liners en caractériels. Nochtans mag men gerust aannemen dat de kiezers van Open Vld, Vlaams Belang en LDD een pak dichter bij het standpunt van CD&V en N-VA staan dan dat van sp.a en Groen!, en dat Bart de Wever er dus niet ver naast zit wanneer hij zegt dat hij zo'n tachtig procent van het Vlaamse electoraat vertegenwoordigt.

De paradox in Vlaanderen is echter, dat ook binnen de media een 80/20-verhouding bestaat, maar dan wel één die precies het spiegelbeeld is van de politieke mening van de bevolking. Uit onderzoek blijkt immers keer op keer dan zo'n tachtig procent van de journalisten het bolletje van sp.a of Groen! inkleurt bij de verkiezingen. Ligt daar misschien de verklaring waarom de mening van slechts twintig procent van de bevolking stelselmatig voorgesteld wordt als die van de overgrote meerderheid? En dat men zelfs met graagte de leugens van rood en groen overneemt en dagenlang laat echoën, ook al heeft de rest van de bevolking al lang door dat er geen snars van klopt?

Kijk bijvoorbeeld naar het stukje mediatheater dat de afgelopen week opgevoerd werd naar aanleiding van de nota–Vande Lanotte. Wie een beetje intellectueel eerlijk wil blijven, moet toegeven dat slechts drie partijen, namelijk sp.a – het zou er eigenlijk nog aan ontbroken hebben –, Groen! en Ecolo Ja antwoordden op die nota. Aan Vlaamse kant stonden CD&V en N-VA weigerachtig tegenover die nota, net zoals cdH en PS er feitelijk niet veel pap van lustten. Sp.a-voorzitster Caroline Gennez was er echter, met in haar kielzog Groen!-voorzitter Wouter van Besien, als de kippen bij om in de VRT-studio's rond te toeteren dat maar liefst vijf van de zeven partijen de nota aanvaard hadden. En die boodschap bleef maar weergalmen, zowel op TV als op radio, zonder enige kritische opmerking. Men bestond het zelfs een (waarschijnlijk goed gekozen) «stem uit het volk» aan het woord te laten die het toch wel straf vond dat die twee partijen – CD&V en N-VA dus – nu een akkoord blokkeerden, want, zo vertelde het wicht vanop één of andere markt, «vijf van de zeven is toch een meerderheid». Of hoe tegenwoordig een meerderheid binnen een meerderheid al genoeg is om een Belgisch compromis door te drukken. Een kwart plus één stem is dus al genoeg, tenminste als het maar het juiste kwart is.

Straffer dat, in tegenstelling tot de harde aanpak die enkele CD&V'ers moesten gaan, Caroline Gennez niet aangesproken werd op de inconsistenties in haar verhaal. Of schrijven we misschien liever: leugens. Want enkele dagen later, toen het over de mogelijkheid ging de liberalen bij de onderhandelingen te betrekken, poneerde zij dat zoiets absoluut geen soelaas zou brengen, want de MR was nog wel de eerste Franstalige partij geweest die de nota–Vande Lanotte had verworpen. Pardon, eerste? Moest dat niet «de enige» zijn? En men zou nog kunnen denken dat het een verspreking was, ware het niet dat Caroline Gennez naliet dat punt eens goed in de verf te zetten om het liberale ballonnetje eens goed en definitief te kunnen doorprikken. De journalist van dienst wou er in ieder geval ook niet dieper op ingaan.

Dat de sp.a wel degelijk van een dikke en warme mantel der liefde kan genieten in de media, staat ondertussen als een paal boven water. De adoratie voor Johan vande Lanotte bijvoorbeeld (vergeleken met hem zou koning Salomo maar een achterlijke pummel geweest zijn), in combinatie met de recente hype rond Eva Brems (en reken maar dat we haar vanaf nu gaan tegenkomen in elke mogelijke en onmogelijke shows, spelletjes en praatprogramma's), is gewoonweg om misselijk van te worden. De nota die hij produceerde wordt in de media voorgesteld als een werkstuk van ongekende kwaliteit. De opmerking dat ze onvoldragen zou zijn, zoals de CD&V het formuleerde, zette dan ook bijzonder veel kwaad bloed bij enkele journalisten en politicologen. Ik kan me nochtans niet van de indruk ontdoen dat alvast sommige delen ervan met haken en ogen aan mekaar hangen, en een professor grondwettelijk recht onwaardig zijn. Het is een analyse waar ik overigens geen 48 uur voor nodig had zoals de PS van Elio di Rupo, maar eentje die op vijf minuten gemaakt kon worden. A propos de PS – merkwaardig toch dat zij voor de nota–Vande Lanotte bijna 48 uur nodig had, terwijl dat toen voor de nota–De Wever een pak sneller kon. Waren de specialisten die de nota–De Wever in recordtempo konden analyseren deze keer verhinderd? Ik zou daar wel eens wat meer over willen lezen in onze kwaliteitsmedia.

Hoe dan ook, één van de zaken in de nota–Vande Lanotte die volgens mij meer getuigen van amateurisme dan staatsmanschap, is het hoofdstuk over de samenvallende verkiezingen. Johan vande Lanotte stelt voor dat de federale verkiezingen aan de regionale gekoppeld zouden worden, en dus nog slechts om de vijf jaar gehouden zouden worden (zoals in Cuba). Er zouden in België te veel verkiezingen zijn, heet het, wat de regeringsvorming bemoeilijkt. Het is een stelling waar men in 2007 eventueel nog had in kunnen geloven, maar in 2010, met de volgende nationale, regionale en Europese verkiezingen vier jaar verwijderd in de toekomst, kan die vlieger toch niet meer opgaan als men nog een klein beetje eerlijk wil blijven.

Maar, zo stelt Johan vande Lanotte, als er toch een bijzondere meerderheid in de Kamer gevonden kan worden, zouden er tóch vervroegd federale verkiezingen georganiseerd kunnen worden. En dan komt de vraag: leidt dit dan ook tot vervroegde regionale verkiezingen, die dan losgekoppeld worden van de Europese verkiezingen? Of hebben die tussentijdse verkiezingen geen effect op de datum van de volgende federale verkiezingen, zodat het nieuwgekozen parlement automatisch een kortere termijn krijgt? Of had Johan vande Lanotte gedacht in één moeite niet alleen de regionale parlementen, maar ook het Europees Parlement te ontbinden? Onvoldragen is eigenlijk nog een redelijk milde beoordeling; ondoordacht zou al iets beter passen. Trouwens, de dag dat er wel een meerderheid gevonden wordt om het parlement te ontbinden, maar geen bijzondere, wordt het lachen geblazen, zeker als dat een Vlaamse meerderheid tegen een Franstalige minderheid zou zijn.

Een ander punt waarop Johan vande Lanotte overduidelijk kon profiteren van de sympathie van de bevriende media – en welke media in Vlaanderen zijn eigenlijk niet bevriend met de sp.a? – was het verhaal van zijn zieke moeder. Nu wil ik de ziekte van moeder Vande Lanotte absoluut niet bagatelliseren, en het is nooit een pretje wanneer één van je ouders ziek is, maar toch is er iets merkwaardigs aan de hand met het hele verhaal. Schampere opmerkingen dat de plotselinge ziekte een vertragingsmanœuvre was – na maandenlang doelbewust surplacen toch wel voorspelbaar, zou ik zo denken – werden snel van de hand gewezen als onwelvoeglijk. Maar is het werkelijk zo dat die ziekte nooit gebruikt werd om de eigen agenda vooruit te helpen? Het is toch merkwaardig hoe die ziekte plots acuut werd in de week van de zogenaamde Frankyleaks, waardoor de onderhandelingen even stilgelegd moesten worden, maar dat Johan vande Lanotte wel nog de tijd vond om een wedstrijdje basketbal mee te pikken. Anderzijds lijkt het er sterk op dat de publicatie van het interview van Bart de Wever in Der Spiegel een merkbaar gunstig effect had op de gezondheidstoestand van moeder Vande Lanotte, zij het van eerder korte termijn. Strafst van al vind ik dat koning Albert II het donderdag nodig vond het ontslag van Johan vande Lanotte enkele dagen in beraad te houden, in plaats van het onmiddellijk omwille van humanitaire redenen te aanvaarden. Ik laat het aan de lezer over te oordelen wie de grootste cynicus in het spel is.

Over cynisme gesproken: wat zou eigenlijk het doel van die beruchte Brusselse Metropolitane Zone (BMZ) zijn, die plots in de nota opduikt (en waarover de Vlaamse media liever zwijgen)? Deze zone, eigenlijk de oude Franstalige droom van Le Très Grand Bruxelles herverparkt in de iets meer blitse want Engelse naam Brussels Metropolitan Region, strekt zich aan Vlaamse zijde uit over heel Halle-Vilvoorde, maar wordt aan Franstalige zijde netjes uitgebalanceerd door Waals-Brabant. Op die manier zal de constructie vrijwel zeker nooit door Nederlandstalige meerderheden geplaagd worden, maar kan de Francité wel haar tentakels tot diep in het Vlaamse binnenland uitspreiden. Het is immers de bedoeling dat die Brusselse Metropolitane Zone allerlei bevoegdheden zou krijgen – in het belang van de bevolking, of wat dacht u? –, waardoor de bevoegdheid van de Vlaamse Regering in haar eigen hartland onderuit gehaald wordt. Voeg dit bij de de facto aanhechting van de faciliteitengemeenten bij Brussel, en je vraagt je af waar Johan vande Lanotte zoveel schaamteloosheid vandaan haalt om zijn werk voor te stellen als een evenwichtige nota. De bewering van Caroline Gennez dat Vande Lanottes nota overduidelijk voordelig voor de Vlamingen is, aangezien de Franstaligen er zoveel bezwaren tegen hebben – tiens, werd die nota dan toch niet onvoorwaardelijk aanvaard door PS en cdH? – beschouw ik als de rode sp.a-kers op deze giftige taart van landverraad.

Zou ik echter spoken zien, als ik stel dat het voorstel voor zo'n Brusselse Metropolitane Zone een bewust opgezet spel van de sp.a en Groen! is? Vandaag reeds luidt het dat een splitsing van België niet alleen onwenselijk maar ook onmogelijk is omwille van Brussel, maar wat wordt dat niet met zo'n Brusselse Metropolitane Zone die de Franstaligen dikke vingers in de pap bezorgt tot aan de poorten van Aalst, Dendermonde en Mechelen? En dus ook territoriale claims indien het ooit dan toch tot een scheiding mocht komen? Ik zie hierin een slinkse poging om de prijs voor Vlaamse onafhankelijkheid gevoelig op te drijven, in de hoop dat ze er nooit zou komen. Waarom niet? Om de eenvoudige reden dat men zowel bij sp.a als Groen! goed beseft dat men in een onafhankelijk Vlaanderen niet meer zou zijn dan twee marginale partijen die nog slechts sporadisch aan de macht zouden kunnen komen. Democratisch zijn ze wel, maar alleen als er in België een linkse meerderheid gevormd kan worden om de rechtse meerderheid in Vlaanderen onder de knoet te houden. Is het echt allemaal te ver gezocht, en gaat het alleen maar om totale incompetentie? Het is maar de vraag wat het ergste kwaad van de twee is.

donderdag, oktober 21, 2010

De regering-Filip I, een familiekabinet

Op dit ogenblik circuleren er in de media enkele verhalen over een hervorming van de monarchie in België. In het bijzonder zou er een wens bestaan om te evolueren naar een meer protocollaire monarchie, om te verhinderen dat prins Filip, wanneer hij koning zal zijn, zich ooit politiek in de nesten zou werken. Die wens wordt bovendien gekoppeld aan een wens van huidig koning Albert II om op relatief korte termijn te kunnen aftreden. Uit doorgaans slecht ingelichte bronnen werd echter vernomen dat er in Laken aan een heel ander plan gewerkt wordt om het land uit de huidige politieke impasse te krijgen: een plan F met de F van familie en Filip.

Wie zijn eigenlijk de politici dat ze van prins Filip durven te stellen dat hij het niet zou kunnen? Ze leveren immers zelf elke dag het bewijs dat zij het in ieder geval niet kunnen. De politieke toestand van het land is vandaag zelfs zo ernstig, dat de koning de laatste vier maanden niet één keer de kans heeft gezien meer dan een week door te brengen op zijn buitenverblijf. De koning en zijn entourage zijn daarom tot het besluit gekomen dat het stilaan tijd wordt om het over een andere boeg te gooien. Het plan zou inhouden dat prins Filip over enkele weken al aan de macht zou kunnen komen, maar niet, zoals menigeen vermoedt, door het aftreden van koning Albert II.

Concreet zou het plan, in de omgang gewoonlijk omschreven als «plan F», eruit bestaan dat de politici nog tot 15 november, de dag van de dynastie, zouden krijgen om een oplossing voor de politieke impasse te vinden. Is er tegen dan geen oplossing, dan zou koning Albert II van zijn jaarlijkse toespraak gebruik maken om een familiekabinet aan te kondigen, met aan het hoofd ervan prins Filip. Hij zou de post van eerste minister waarnemen, en als straaljagerpiloot en ervaren helicopterbestuurder ook het departement Defensie voor zijn rekening kunnen nemen. Van geschut heeft hij wel niet zoveel verstand, maar kamervoorzitter André Flahaut zou al toegezegd hebben om hem met raad bij te staan wanneer er nog eens munitie aangekocht moet worden. Prinses Mathilde neemt Sociale Zaken en Volksgezondheid over, en toonde ook grote interesse voor Ontwikkelingssamenwerking. Tot deze morgen was zij nog in het door AIDS geteisterde Liberia, en een beter bewijs van haar engagement voor deze verantwoordelijkheden is nauwelijks denkbaar.

Het departement van Justitie zou naar prinses Astrid gaan. Als jarenlange voorzitster van het Rode Kruis heeft zij een groot gevoel voor rechtvaardigheid ontwikkeld, en is zij dus de geknipte vrouw voor de baan. Aangezien zij getrouwd is met een buitenlander, zou zij ook Buitenlandse Zaken overnemen. Dat zij naast Frans ook een paar woorden Duits en zelfs wat Engels spreekt versterkt alleen maar haar kandidatuur. Financiën zou overigens naar haar man, prins Lorenz, gaan. Zelfs Didier Reynders was het met de koning eens dat het eindelijk tijd werd voor een competent persoon op die post. De prins heeft zich ook bereid verklaard de portefeuille van Werk en Gelijke Kansen over te nemen. Hij is immers de enige in de familie die ooit nog echt gewerkt heeft, en als buitenlander is hij ervaringsdeskundige wat Gelijke Kansen betreft. Ook Migratie- en Asielbeleid zullen daarom onder zijn bevoegdheid vallen.

Het spreekt voor zich dat prins Laurent minister van Klimaat en Energie wordt. Ook Binnenlandse Zaken is voor hem, want met zijn moto kan hij zich snel en behendig in het binnenland bewegen. Als rebel van de familie is ook de post van KMO, Zelfstandigen, Landbouw en Wetenschapsbeleid een kolfje naar zijn hand. Zijn vrouw prinses Claire zou Ambtenarenzaken en Overheidsbedrijven overnemen – als Inge Vervotte dat kan, dan kan zij dat zeker. Dé verrassing is de post Ondernemen en Vereenvoudigen: prins Amadeo zou hiermee zijn kans krijgen te laten zien wat hij kan, en met zijn jeugdig enthousiasme is hij de geknipte man om te ondernemen, en de dingen te vereenvoudigen.

Zoals reeds geschreven is het de bedoeling dit familiekabinet aan te kondigen tijdens de traditionele toespraak aan de vooravond van de dag van de dynastie. Nadien zou de regering dan in de besloten huiskring de eed kunnen afleggen.

Uiteraard is dit plan F omstreden, en in het bijzonder Bart de Wever zou het helemaal niet genegen zijn. Kwatongen beweren dat hij precies omwille van dit plan en de deadline zijn nota geschreven heeft, in de hoop het nog te kunnen afwenden. De andere politieke partijen kijken veel positiever tegen het plan aan. De PS bijvoorbeeld had dan wel haar zinnen gezet op de post van eerste minister, maar nog belangrijker is het voor haar dat er een oplossing voor de huidige crisis komt, België één blijft, een staatshervorming voor minstens vier jaar in de koelkast wordt gestopt, en ondertussen de geldstromen van Noord naar Zuid intact blijven. Om diezelfde redenen sloten ook Ecolo en cdH zich aan bij het voorstel van koning Albert II, en zelfs MR was te vinden voor het voorstel.

Aan Vlaamse kant was er vooral bij Groen! enthousiasme voor het «plan F» van de koning. Toen partijvoorzitter Wouter van Besien het voorstelde op de partijraad, werd zelfs spontaan de Brabançonne gezongen. Bij de sp.a kwam veel kritiek uit de hoek van Frank Vandenbroucke, en de geruchten willen dat hij zou werken aan een scriptie die de nefasten effecten van een familiekabinet op de Sociale Zekerheid zou uitdiepen. In sommige formules zouden zelfs Griekse symbolen voorkomen! Open Vld zou het familiekabinet steunen omdat via prins Laurent ook de vrijzinnigheid vertegenwoordigd zou zijn in de regering. Bovendien heeft men het aan de top van de Open Vld moeilijk om erfopvolging principieel af te wijzen.

Bij CD&V was men eerder sceptisch omdat men vermoedde dat N-VA tegen zou zijn, en bovendien zelf geen ministers zou kunnen leveren. Een vurig pleidooi uit de hoek van Mark Eyskens zou echter de laatste twijfelaars er toch van overtuigd hebben toe te stemmen. Het besef dat de regering hoe dan ook al een parlementaire meerderheid – om over de populaire meerderheid nog maar te zwijgen! – achter zich zou hebben, speelde daarbij ook een rol.

dinsdag, oktober 12, 2010

En of Bart de Wever een psychologisch geval is

Het valt niet vaak voor dat ik het gloeiend eens ben met de overgrote meerderheid van de Franstalige pers in België, maar dat Bart de Wever een psychologisch geval is, dat staat na amper enkele dagen «verduidelijking» als een paal boven water. Hoe anders valt te verklaren dat de N-VA-voorzitter zich nog steeds binnen het Belgische referentiekader blijft bewegen, daar waar PS-voorzitter Elio di Rupo zonder blikken of blozen met de Anschluss van de zes faciliteitengemeenten in de Vlaamse Rand dreigt?

Het is misschien goed de Vlaamse eisen die de N-VA tot nu toe op tafel gelegd heeft even te overlopen, om de uitspraken van de Franstalige politici van de laatste uren en dagen in het juiste kader te plaatsen. De N-VA wil een splitsing van Brussel-Halle-Vilvoorde, maar uit allerlei lekken blijkt dat de N-VA deze zomer bereid was tot verregaande toegevingen aan de Franstaligen, met onder meer – dus niet alleen – een inschrijvingsrecht in de zes faciliteitengemeenten waardoor de splitsing deels weer ongedaan zou gemaakt worden. Verder eiste de partij minstens vijftig procent fiscale autonomie in de personenbelasting, en een splitsing van de kinderbijslag volgens de gemeenschappen, niet de gewesten. Daarmee zijn we nog ver verwijderd van volledige fiscale autonomie in álle beleidsdomeinen, terwijl van een splitsing van de Sociale Zekerheid al lang geen sprake meer is. Wie eens even terugblikt naar het verkiezingsprogramma van de N-VA kan niet anders dan vaststellen dat Bart de Wever aan de onderhandelingstafel al bijzonder veel water in zijn wijn heeft laten doen.

Is de N-VA dus bereid zwaar te betalen voor niets meer dan een toepassing van de Grondwet in Vlaams-Brabant, en eist ze alleen nog maar een homeopathische herinnering aan het einde van de enorme transfers van Noord naar Zuid, dan lijkt het aan de overzijde van de taalgrens wel of Bart de Wever niet minder dan één of andere Endlösung van het Franstalige probleem voorgesteld heeft. Elio di Rupo eist bijvoorbeeld meer respect voor de Franstaligen. Of correcter: respect voor de Waalse coalitie van PS, cdH en Ecolo, want hij verbiedt Bart de Wever nog contact op te nemen met Didier Reynders van de MR. Van hoeveel respect getuigt dit eigenlijk? Ziedaar bewijsstuk #1 dat het met de bovenkamer van Bart de Wever tegenwoordig niet zo goed gesteld is, want voor zover ik weet is hij nog steeds bereid de «16» op een dienblaadje aan te bieden aan iemand die hem afblaft met wie hij wel en niet contacten mag onderhouden.

Over respect gesproken, veel respect voor de taal-, gewest- en gemeenschapsgrenzen heeft Elio di Rupo ook al niet. In een hysterische bui – theatrale psychopaat? – liet hij zich ontvallen dat als Bart de Wever niet beter naar zijn pijpen danst, hij de merknaam België zal opeisen om Wallonië, Brussel en de zes faciliteitengemeenten in de Vlaamse Rand er onder te verenigen. Een beetje België dat zich dan afscheurt van Vlaanderen, of hoe moet je dat eigenlijk precies omschrijven? Of hij samen met de merknaam België ook de volledige federale schuld wil opeisen, daar was hij niet zo duidelijk over, maar mij lijkt dat niet meer dan de logica zelve. (Terloops: Philippe Moureaux schijnt ook Voeren bij België te willen voegen, maar liet Moeskroen in Menapië, pardon, Vlaanderen liggen.) De vraag stelt zich hoe dan ook meer en meer of de S in PS eigenlijk voor séparatiste staat. Maar opnieuw, en dit is bewijsstuk #2, wat bezielt Bart de Wever nog te willen onderhandelen met iemand die het essentiële verschil tussen het mijne en het dijne niet schijnt te kunnen snappen?

Nog iemand die zich gisteren liet opmerken, was Joëlle Milquet. Eigenlijk moet je zo al goed gek zijn om met haar 120 dagen aan de onderhandelingstafel te willen zitten (bewijsstuk #3). Maar gisteren presteerde ze het om voor de camera vast te stellen dat als Bart de Wever een akkoord wil, dat toch snel kan gebeuren, want «alles ligt al op tafel». Met andere woorden: zij snapt niet waarom Bart de Wever toch zo moeilijk doet, want als hij nu eens het aangeboden akkoord, inclusief de twaalf «c'est reporté» principes voor de financieringswet zou aanvaarden, dan zijn de problemen toch van de baan? Je vraagt je af of ze alle zes miljoen Vlamingen soms voor volslagen idioten zou houden. Dankzij haar uitmattingsproces van zowel 2007 als 2010 liggen de tijden ondertussen al lang achter ons dat niet iedere Vlaming bij het aanhoren van die onzin spontaan zelf opwerpt dat de problemen toch ook van de baan zouden zijn als de Franstaligen niet zouden dwarsliggen in Halle-Vilvoorde, en verder de Vlaamse eisen om meer financiële autonomie zouden slikken zonder morren.

De vraag waar ik vandaag dan ook mee zit, is: waar ziet Bart de Wever eigenlijk nog enige onduidelijkheid die uitgeklaard zou moeten worden? Als het de bedoeling is dat hij volgende maandag ook een opstelletje aflevert aan koning Albert II, hoeft hij eigenlijk niet meer te doen dan wat knippen en plakken uit de politieke bladzijden van de kranten van vandaag, want aan duidelijkheid laten die eigenlijk niet te wensen over. Wat bezielde Bart de Wever trouwens om deze opdracht te aanvaarden? Ja, wat bezielde hem om als republikein op een vrijdagavond nog snel naar Laken te rijden voor zoveel onzin, in plaats van gewoon gezellig thuis te blijven bij vrouw en kinderen om er eens een leuke familieavond van te maken? Een andere verklaring dan dat er in het beste geval maar één, in het ergste geval zelfs meerdere vijzen bij hem los zitten, heb ik niet.

En in zijn plaats zou ik in ieder geval die lessen valschermspringen toch nog even uitstellen…

maandag, maart 15, 2010

Peiling Vers l'Avenir: PS leidt ongenaakbaar

Alle Vlaamse peilingen sedert 2004Gisterenavond werden de resultaten van een nieuwe peiling van Vers l'Avenir bekendgemaakt. Opmerkelijk: de PS blijft ongenaakbaar aan de leiding in het Waalse partijpolitieke landschap, ondanks de schandaalsfeer rond Michel Daerden. Of moeten we zeggen «dankzij», want Ecolo, de partij die de man uit de regionale regeringen weerde, doet het niet al te best.

De resultaten van deze peiling moeten met de nodige voorzichtigheid gehanteerd worden, want ze heeft een globale foutenmarge van maar liefst vier procent. Zware conclusies trekken uit een procent meer of minder is dus niet aangewezen, maar de peiling kan toch nuttig zijn om te zien of de algemene trends van de laatste peiling zich nog steeds verderzetten.

Eén zo'n trend is de stijging van de PS. De partij kroop duidelijk door een dal in de peiling vóór de verkiezingen van verleden jaar, om bij de verkiezingen zelf toch boven de dertig procent af te klokken. Sedertdien staat de partij er weer helemaal opnieuw, en blijft het sterk doen in de peilingen. Het verschil met de vorige peiling van Vers l'Avenir of de verkiezingen van 2009 is niet significant, maar de voorsprong tegenover achtervolger MR oogt indrukwekkend. In haar commentaar bij de resultaten van de peiling schrijft de krant dat de PS zou profiteren van de verkiezingen – wat natuurlijk waar kan zijn. Wat de krant echter verzuimt op te merken is dat diezelfde PS anderzijds toch ook geen nadelen schijnt te ondervinden van de reeks schandalen rond minister van Pensioenen Michel Daerden. Blijkbaar kan het de modale Waal niet veel schelen wat die minister op zijn departement doet – of vooral: niet doet – en in wat voor onfrisse praktijken hij en zijn zoon eventueel verwikkeld zouden kunnen zijn. Als de partij er maar voor zorgt dat er in de Sociale Zekerheid niets beweegt, en Vlaanderen ze dus blijft financieren, dan steekt het misschien zo nauw niet met een beetje corruptie meer of minder?

Een partij die op dit ogenblik niet zo goed boert is Ecolo. Toeval of niet: het was deze partij die ervoor zorgde dat Michel Daerden niet in een regionale regering aan de bak kon komen en dus naar het federale niveau moest verhuizen. De partij lijkt hoe dan ook over een hoogtepunt in de peiling heen te zijn, en keert voorlopig terug tot het niveau van de verkiezingsuitslagen van verleden jaar.

Een partij die op dit ogenblik in échte slechte papieren zit, is de MR. In geen enkele opiniepeiling staat de partij nog op winst tegenover de laatste verkiezingen, en het is duidelijk dat de partij een zwakke periode doormaakt. Vergeleken met drie jaar geleden is de partij zelfs een derde van haar kiezers kwijtgespeeld – meer dan tien procent van het totale electoraat. Didier Reynders staat erom bekend zich nergens zorgen over de maken, zeker niet als het over 's lands financiën gaan, maar het is nog maar de vraag hoe lang hij die houding zal kunnen blijven aanhouden wat zijn eigen partij betreft.

CdH tot slot stabiliseert rond haar laatste verkiezingsuitslag, en blijft daarmee de vierde partij in het Zuiden van het land. Front National blijft dan weer ver onder de kiesdrempel, en zit daar in het gezelschap van onder meer de PP van Mischaël Modrikamen en de partij Wallonie d'Abord.

Bijlage: Overzicht alle peilingen in Wallonië sedert 2006 (PDF).

zondag, november 15, 2009

Zouden we moeten treuren om het vertrek van Van Rompuy?

Zouden we moeten treuren indien Herman van Rompuy, de Eerste Minister die heel Europa ons zou benijden, ons zou verlaten om de eerste vaste Voorzitter van de Europese Raad te worden? Aanhangers van de verrottingsstrategie om België te doen barsten alvast niet, want als Herman van Rompuy één ding goed kan, dan wel pappen en nathouden, ook bekend onder zijn eigen motto «rustige vastheid». En op tijd zijn eigen partij plat op de buik duwen ter wille van de Franstaligen.

Dat hij de perfecte kandidaat voor de job is, weten we al langer, maar dat Herman van Rompuy ook effectief de eerste vaste Voorzitter van de Europese Raad zal worden, staat nog lang niet vast. Dat hij naar de post dingt echter wel, zoals duidelijk bleek uit zijn reactie op een lastige vraag van één of andere Italiaan op het diner van de Bilderberggroep. Zelfs al klopt het dat hij niet voor een groene Europese belasting pleitte, maar wel voor een «meer structurele vorm van financiering op Europees niveau» in de vorm van een verkapte Tobin-taks op financiële transacties, dan nog blijft zijn verveelde reactie. Inderdaad, indien het zou kloppen dat Herman van Rompuy de post van EU-president niet actief zou nastreven, en dat hij ze enkel maar wil aanvaarden als er consensus bestaat en hij niet anders kan, dan zou de vraag van die Italiaan hem immers geen moer hebben kunnen schelen. Integendeel zelfs, een geprofileerde toespraak op dat diner zou voor hem een heel gemakkelijke manier geweest zijn om voor eens en altijd die beker aan hem voorbij te laten gaan, maar dat heeft hij dus wel heel nadrukkelijk niet willen doen. Schijnheiligheid troef dus, maar de lezer weet vermoedelijk al langer dat dat een eigenschap is die bij Herman van Rompuy bovengemiddeld ontwikkeld is.

Het foefje van de «consensus» is trouwens ronduit hilarisch wanneer het uit de mond van een Eerste Minister komt die aan Vlaamse zijde niet eens over een meerderheid voor zijn federale regering beschikt, ook al noemde hij dat zelf vóór de verkiezingen nog «staatsgevaarlijk». Als de vereiste consensus eruit zal bestaan dat Frankrijk, Duitsland en Groot-Brittannië het onder mekaar eens zouden worden dat het Herman van Rompuy zal zijn, en dit trio vervolgens hun voorkeur door de strot van een meerderheid van de overblijvende 23 lidstaten kan duwen, dan zal dat zowel voor Herman van Rompuy als zijn CD&V al ruim voldoende zijn.

A propos standpunten vóór en nà verkiezingen: in 2004 hield Herman van Rompuy nog een pleidooi tegen een Turkse EU-lidmaatschap, maar zag hij een toetreding van de Oekraïne wel zitten – als ze het zelf vragen natuurlijk. Politicoloog Hendrik Vos zag daarin een mogelijk probleem, maar ik vermoed dat de EU-leiders ondertussen al wel zullen weten wat voor vlees ze in de kuip hebben met Herman van Rompuy. Als Turks EU-lidmaatschap even EU-gevaarlijk is als een federale Belgische regering zonder Vlaamse meerderheid staatsgevaarlijk, weten we nu al dat hij zich desnoods wel ootmoedig zal willen «opofferen» met een paar jaartjes extra aan het hoofd van de EU om de integratie van Turkije in de Europese Unie in goede banen te leiden. En als een Oekraïens aanvraag tot EU-lidmaatschap op een lastig ogenblik in de brievenbus zou vallen, zal hij zeker wel iets weten te verzinnen om eerst die aanvraag niet te hoeven ontvangen, en vervolgens die aanvraag zoveel mogelijk op de lange baan te schuiven.

Zouden we dus moeten treuren indien Herman van Rompuy de eerste vaste Voorzitter van de Europese Raad zou worden? Zoals in de inleiding reeds aangehaald, blonk hij als Eerste Minister tot nu toe vooral uit in het pappen en nathouden, en op tijd de CD&V plat op de buik dwingen om de Franstaligen hun zin te kunnen geven. «Rustige vastheid» heet dat dan in zijn jargon, maar «rustige slaafsheid» zou de lading al veel beter dekken. Van de vijf zogenaamde «werven» die hij aanduidde zijn er voorlopig nog maar drie afgewerkt. En voor één keertje ben ik het eens met Bart Eeckhout van De Morgen: zelfs die drie afgewerkte werven liggen er hoogst belabberd bij. De begroting is één grote puinhoop, onder meer, maar niet alleen, dankzij de stuitende incompetentie van Didier Reynders. De verdediging van Herman van Rompuy in Kamer –de oppositie zou geen visie hebben– was van zo'n laag niveau dat je je afvraagt of die man zichzelf in de spiegel nog kan zien. In het asieldossier hebben PS en cdH dan weer al zo vaak hun zin gekregen dat de Franstalige socialisten het gisteren zelfs aandurfden openbare gebouwen op te vorderen om hun toekomstige kiezers te herbergen. (En ik neem aan dat hun partijgebouwen en volkshuizen al vol zitten, ja toch?)

Aan twee werven is Herman van Rompuy voorlopig nog niet begonnen: de staatshervorming en Brussel-Halle-Vilvoorde. Of beter gezegd: die heeft hij tot nog toe vakkundig in de koelkast kunnen houden door ofwel dringendere zaken in te roepen, ofwel op zijn blote knieën bij de Franstaligen extra tijd te gaan afkopen. Dat is natuurlijk weinig bevredigend vanuit een Vlaams standpunt, maar anderzijds is het nog maar de vraag of een staatshervorming of een onderhandelde oplossing voor Brussel-Halle-Vilvoorde onder leiding van Herman van Rompuy dan zoveel goeds voor Vlaanderen zou kunnen brengen. Àls Herman van Rompuy erin zou kunnen slagen die twee werven op één of andere manier af te werken, moet gevreesd worden dat die afwerking er vooral uit zal bestaan de eigen partij nog maar eens plat op de buik te dwingen voor een reeks toegevingen aan de Franstaligen. De hartenkreet van Béatrice Delvaux sprak in dat verband boekdelen. Het alternatief van ongrondwettelijke federale verkiezingen met alle problemen en heisa dat met zich mee zou brengen valt dan misschien toch nog te verkiezen boven een uitverkoop van Vlaamse belangen en verworvenheden in de Vlaamse Rand en Brussel.

De ultieme vraag die dus gesteld moet worden is de volgende: op welk niveau zou Herman van Rompuy de Vlaamse zaak het meeste schaden, het Belgische of het Europese? Op Europees niveau hoeven we hoe dan ook geen Václav Klaus aan het hoofd van de Europese Raad te verwachten, en dan kan men net zo goed van de nood een deugd maken om Herman van Rompuys «rustige vastheid» uit het Belgische niveau te verdrijven. Of Yves Leterme dan wel Didier Reynders de fakkel van Herman van Rompuy zou overnemen in de Wetstraat 16 maakt in dat geval trouwens weinig uit – 2010 belooft dan hoe dan ook een boeiend jaar te worden.

maandag, juli 06, 2009

Alweer een jaar dichter bij Vlaamse onafhankelijkheid? (1)

VlaanderenDra is het weer 11 juli, en daarom past het eens na te denken over het afgelopen jaar. Staan we vandaag een jaar dichter bij de Vlaamse onafhankelijkheid dan een jaar geleden? Louter objectief bekeken is het antwoord natuurlijk ja, maar wat is het antwoord als we de vraag subjectief benaderen? Om dat te weten te komen, overlopen we het afgelopen jaar de komende dagen aan de hand van vier thema's: de Fortis-saga, Brussel-Halle-Vilvoorde, de regionale verkiezingen van 7 juni, en tot slot koning Albert II, die ook alweer een jaartje ouder geworden is.

Ongetwijfeld de belangrijkste gebeurtenis van het afgelopen jaar is het totale debacle dat de Belgische haute finance heeft moeten ondergaan in de affaire-Fortis. Als de zaak al één ding aantoont, dan wel dat leedvermaak niet altijd moreel verwerpelijk hoeft te zijn. Na de hybris van de Brussels salons ten tijde van de overname van ABN Amro –men zou die Bataven eens een poepje laten ruiken en behandelde hen daar ook naar– ontmoetten zij hun nemesis in de figuur van Nederlands Minister van Financiën Wouter Bos. Er bestaat dus blijkbaar toch nog gerechtigheid, en ik zie werkelijk niet in waarom we daar niet verheugd over zouden mogen zijn!

De zoete wraak die Brussel vanuit Nederland mocht ervaren was echter slechts een kleine inleiding tot de kapitale fout die Franstalig België vervolgens maakte: de doorverkoop van de resten van Fortis voor een appel en een ei aan een Parijs. En die doorverkoop werd doorgevoerd in zeven haasten, duidelijk gestuurd vanuit het kabinet van Didier Reynders die samen met de rest van de MR dacht dat hij hiermee een enorme slag kon slaan pour la Belgique une et indivisible. Er was inderdaad haast bij om te vermijden dat één of ander Vlaams politicus een stokje zou steken voor de hele operatie met bijvoorbeeld de onnozele vraag of er misschien nog andere geïnteresseerde kandidaat-overnemers waren, die zelfs bereid waren meer geld op tafel te leggen. Deutsche Bank bijvoorbeeld, om nu maar één voorbeeld te noemen. Stel je het echter eens voor: eerst de broek afgedaan worden door die dekselse kaasvreters uit het Noorden, en dan de rest nog moeten doorverkopen aan die andere wilde volksstam uit het Oosten – het zou er dan alleen nog maar aan ontbreken dat ook nog één of andere Angelsakser ergens een lekkere winst kwam opstrijken. Neen, het moest en het zou dus Parijs worden. Dat men vervolgens vanuit die hoek dubbel gestroopt werd, één keer via Fortis en nog een keer via Dexia, was natuurlijk buiten die Franse waard gerekend.

Sindsdien heeft de ontnuchtering zich in Franstalig België ingezet. Zeker, ook in Vlaanderen heeft menigeen geld verloren aan Fortis, maar daar is men het nu eenmaal gewoon zonder al te veel morren zijn geld af te geven aan Franstaligen. (Of wat dat betreft, door een combinatie van Nederlandse nuchtere zakelijkheid en Franstalige achterbakse kuiperijen eens ferm in 't zak gezet te worden.) Aan Franstalige zijde ligt dat psychologisch anders. Daar denkt men immers dat aan het einde der Belgische tijden de redding wel uit Frankrijk zal komen. Laat het nu echter zo zijn dat men het afgelopen jaar precies vanuit die hoek niet alleen in de steek gelaten werd, maar zelfs genadeloos gepluimd werd. Wanneer men reeds van tevoren opgescheept zit met een verlatingsangst om u tegen te zeggen –Bye, bye, Belgium, nietwaar…– dan is het duidelijk dat zulks nieuws bijzonder hard kan aankomen.

Netto resultaat van dit alles? Eén van de steunberen van de Belgische constructie, de haute finance, ligt zo goed als volledig aan diggelen. Van figuren als een Maurice Lippens of een Etienne Davignon hoort men niets meer, daar waar zij vroeger nog wel eens opgevoerd werden om de bevolking in het driekleurige gareel te doen lopen. En zelfs achter de hand gehouden werden om desnoods maar een zakenkabinet op te starten als de politici geen nieuwe federale regering meer zouden kunnen vormen. Dat enkele Franstalige politici het bovendien nodig vonden om in volle crisis enkele weinig subtiele pogingen te ondernemen om ook het «Vlaamse» KBC dan maar te kelderen als Fortis er toch moest aan geloven, hielp de Belgische zaak niet bepaald verder. En nog minder toen bleek dat de Vlaamse regering, in tegenstelling tot de Belgische, wel tot handelen in staat bleek. Men had Vlaamse twijfelaars die nog altijd dachten dat het zonder België niet zou lukken niet effectiever van het omgekeerde kunnen overtuigen…

Morgen: Brussel-Halle-Vilvoorde

zaterdag, mei 30, 2009

Federale verkiezingen in de herfst?

Didier Reynders en Elio di RupoAls gevolg van de open ruzie tussen PS en MR in Wallonië namen de laatste week de speculaties over vervroegde federale verkiezingen in de herfst zo toe, dat het wel leek of het ondertussen al een vaststaand feit was geworden. Niets is echter minder waar, en ik durf zelfs sterk te betwijfelen dat het na 7 juni zover zal komen.

Tijdens deze verkiezingscampagne vielen er in het Zuiden van het land een reeks zware woorden tussen de socialistische PS en de liberale MR. Didier Reynders liet zich het woord «infréquentable» ontvallen over de PS op een verkiezingsmeeting van de MR, waarop federaal minister Laurette Onkelinx dreigde uit de federale regering te stappen indien Didier Reynders zijn woorden niet terugnam. Didier Reynders weigerde, de PS bleef –voorlopig– in de federale regering, maar Eerste Minister Herman van Rompuy zag zich wel genoodzaakt in de Kamer toe te geven dat alles misschien toch niet meer koek en ei was tussen de federale coalitiepartners nadat hij een week eerder nog staalhard had staan liegen dat het nodige respect er nog steeds was. (Waar is de tijd dat die man zich nog opwierp als ethicus maximus? O ja, dat was toen de CD&V nog in de oppositie zat…) Menig journalist heeft ondertussen al de vaststelling gemaakt dat MR en PS niet meer samen door de deur zouden kunnen, zoals dat dan heet, en dat het ernaar uitziet dat de federale regering wel eens in de problemen zou kunnen raken wanneer na de verkiezingen een nieuwe coalitie gevormd moet worden in de Franstalige gedeelten van het land.

Beginnen de journalisten onzin uit te slaan, kan je er donder op zeggen dat ook Karel de Gucht zich nog eens in de kijker moet werken. De man verstaat als geen ander de kunst om self-destructing prophecies (zelfvernietigende voorspellingen) te maken, zoals toen hij in al zijn wijsheid en arrogantie voorspelde dat de N-VA onder de lat door zou moeten in verband met Brussel-Halle-Vilvoorde. Ondertussen heeft hij al zoveel coalitiewissels voorspeld, zowel op regionaal als federaal niveau, dat het afgaande op zijn track record zo goed als vast staat dat noch op het ene nog op het andere niveau ook maar iets zal veranderen.

Bekijken we eens de verschillende opties vanuit de posities van de verschillende federale regeringspartners, om te beginnen aan Vlaamse zijde. Voor de CD&V zouden nieuwe federale verkiezingen op dit ogenblik zeer ongelegen komen. Het heeft de partij veel moeite gekost om primo in de federale regering te raken, secundo de post van de Eerste Minister vast te krijgen –herinner de regering-Verhofstadt III–, en tertio die post te behouden. Herman van Rompuy is bovendien niet bepaald een boegbeeld om mee uit te pakken in een federale verkiezingscampagne, al was het maar omdat de man op dit ogenblik precies het omgekeerde doet van het partijprogramma waarmee de CD&V in 2007 naar de kiezer trok. Kan de partij vandaag trouwens voorwenden dat ze nog niet afgerekend mag worden op de volledig negatieve balans van de federale regering omdat het regionale en Europese verkiezingen zijn, en de kiezer in de eerste plaats Kris Peeters en zijn Vlaamse ministers zou moeten belonen (ja toch?), dan zal ze diezelfde smoes niet meer kunnen gebruiken in een federale kiescampagne. Daar komt nog bij dat Brussel-Halle-Vilvoorde –«onverwijld», «vijf minuten politieke moed»– nog steeds niet gesplitst is, en nog wel met de schuldige actieve medewerking van de CD&V. De partij dreigt daarop zwaar afgerekend te worden als die kieskring nog steeds niet gesplitst zal zijn bij vervroegde verkiezingen. Vervroegde federale verkiezingen vermijden is de CD&V dus best wel een prijs waard, en zij zal zich dan ook hard inspannen om een voortijdig einde van de regering-Van Rompuy I af te kunnen wenden.

Ook de Open Vld heeft geen enkel belang bij vervroegde federale verkiezingen. Eén zaak zijn de praktische gevolgen die een nieuwe federale regeringsvorming wel eens zou kunnen hebben voor de verdeling van de postjes op federaal niveau – een argument dat trouwens ook voor de CD&V geldt en dus nog eens toegevoegd mag worden aan de vele argumenten van hierboven. De huidige federale regering heeft immers aan Vlaamse zijde geen meerderheid, en dat betekent dat Open Vld en CD&V op dit ogenblik boven hun stand leven. Dat na nieuwe federale verkiezingen een nieuwe federale regering van start zou kunnen gaan zonder een meerderheid aan Vlaamse zijde lijkt onwaarschijnlijk, enerzijds omdat zoiets ondanks alles toch nog altijd moeilijk ligt, maar vooral ook omdat de meerderheid aan Franstalige zijde niet zo groot meer zal zijn dat een Vlaamse minderheid gecompenseerd zal kunnen worden. Immers, valt ofwel MR ofwel PS op federaal niveau uit de boot, verdwijnen meteen ruim een kwart van de Franstalige zetels, en komt bovendien Groen! via Ecolo hoe dan ook vrijwel automatisch mee in de federale regering. Karel de Gucht moet het allemaal maar eens heel precies uitrekenen na 7 juni, maar ik vermoed dat eens dit besef ook bij hem zal doorgedrongen zijn, zijn zin in federale verkiezingen of zelfs nog maar een federale herschikking snel zal verdwenen zijn. Nieuwe federale verkiezingen kunnen de Open Vld alleen maar netto verlies opleveren, zelfs al zou ze er in de stembussen lichtjes op vooruit gaan.

Heeft één van de Franstalige partijen belang bij een federale herschikking of nieuwe verkiezingen? Wie van de twee ook als winnaar uit de bus zou komen op 7 juni, noch MR noch PS kunnen het risico nemen nieuwe federale verkiezingen uit te lokken om de tegenstander ook federaal uit de regering te jagen, omdat de uitlokkers van nieuwe verkiezingen daar gewoonlijk in de stembus een prijs voor moeten betalen. Bovendien riskeert men geconfronteerd te worden met een Ecolo dat zo groot zal zijn, dat de partij effectief incontournable wordt en daarom haar eisen zal kunnen stellen om toe te treden tot de federale regering. En daar bovendien zoveel gewicht in de schaal zal kunnen werpen bij de verdeling van de postjes, dat ook daar weinig of geen voordeel te rapen zal vallen. Dan is men bij de MR nog beter af met een gehavende PS, en bij de PS met een MR dat zichzelf wat vastgereden heeft, en alletwee netjes nog steeds meezittend aan de federale vetpotten. Het zou trouwens de eerste keer niet zijn dat twee partijen waarvan het wel lijkt dat de kopstukken letterlijk mekaars strot zouden willen doorbijten, na de verkiezingen toch nog een modus vivendi weten te vinden, al was het maar omdat de schrik voor de kiezer nog groter is en hen nog harder bindt dan de wederzijdse afkeer hen kan scheiden. Als bovendien de CD&V bereid is te zorgen voor wat smeermiddel in de vorm van, ik zeg maar wat, vers federaal geld op de juiste ministeries, dan zou het kunnen dat de toon zelfs heel snel teruggevonden zal kunnen worden tussen de huidige aartsvijanden.

Blijft natuurlijk nog cdH over. Bij die partij vreest men er op dit ogenblik voor terug te zakken naar de vierde plaats in het Franstalige politieke landschap. De laatste peilingen sluiten zelfs niet uit dat rivaal Ecolo uiteindelijk zowel PS als MR nog voorbij zou kunnen steken. Opnieuw rijst dus de vraag wat voor cdH het nut zou kunnen zijn van nieuwe federale verkiezingen, wanneer er voor haar eigenlijk alleen maar verlies in zit, zowel in de vorm van aanhang als van zetels en uiteindelijk ook postjes in de regering. Kon de partij in 2007 nog haar macht tonen door de regeringsvorming maandenlang volledig te blokkeren, zal ze nu al blij mogen zijn als ze er nog bij mag zijn. Federale verkiezingen uitlokken lijkt daarbij niet bepaald de beste tactiek om daarvoor te zorgen.

De conclusie blijft dus, ondanks de soms beschamend platte ruzie tussen MR en PS en de onzakelijke opmerkingen van Karel de Gucht, dat geen van de vijf federale regeringspartijen op dit ogenblik er enig belang bij heeft nieuwe federale verkiezingen uit te lokken, of zelfs nog maar een herschikking van de coalitie te eisen. Voor elk van de vijf partners lijkt dit immers alleen maar op een netto negatief resultaat uit te kunnen draaien. Minstens één van hen, de CD&V, heeft er bovendien een zo enorm groot belang bij federale verkiezingen zo lang mogelijk uit te stellen, dat zij er veel energie voor over zal hebben om als verzoenende partner op te treden en zelfs een prijs zal willen betalen voor het behoud van de regering. Dat neemt niet weg dat een val niet volledig uitgesloten kan worden –dat kan nooit–, maar die val zal dan niet het gevolg van een uitgekiende strategie zijn, maar niet meer of minder dan een accident de parcours. En als Eerste Minister Herman van Rompuy als ex-ethicus opnieuw een paar leugentjes zal moeten verkopen in de Kamer of de media om een regeringscrisis te verdoezelen of vermijden, zal hij dat trouwens zeker niet laten.